30+ jaar
3.27.0.10@P-CD06 (201005 1421)

Op naar Alaska!

Het is de dag dat we vertrekken. De ouders van Robin brengen ons bijtijds naar Schiphol en na een koffie en taart kunnen we de bagage afgeven en door de douane. Dit gaat allemaal lekker soepel en we hoeven bij de gate maar een half uurtje te wachten waarna we het vliegtuig in kunnen. Straks om twee uur stijgen we op en de vluchttijd is wat minder dan we dachten. Dan hebben we op IJsland straks wat meer tijd.

Iceland Air is een prima maatschappij, er is animatie in elke stoel dus je kan lekker film kijken of muziek luisteren en de hele tijd zien waar je bent als je dat wilt. Na een kleine twee uur vliegen komen we boven IJsland, wat echt heel mooi is. Gletsjers, bergen, rivieren en kale vlaktes.

We landen zoals verwacht iets eerder en voor we het weten zijn we ook door de douane naar Amerika en zitten we bij de gate te wachten. Nu moeten we alleen dik twee uur wachten maar goed. Er is internet beschikbaar dus even wat appen met collega’s en moeders is altijd leuk. De vlucht van Reikjavik naar Anchorage duurt 7:15, behoorlijk veel langer dus. Gelukkig zit er een aardige heer naast ons die in Juneau woont. Hij kan ons nog wat tips geven over waar wat te bekijken en of we niet toch berenspray moeten aanschaffen. Hij antropoloog en heeft op veel verschillende plekken gewoond, erg leuk.

Na een lange zeven uur met weinig slaap maar wel waanzinnige uitzichten over Groenland, zijn we er, we zijn in Alaska. Door de douane gaat alweer verrassend soepel en vriendelijk en in de hal belt de dame van de customer service even naar het hotel voor onze transfer die na vijftien minuten voor onze neus staat en ons iets daarna afzet bij ons hotel. Het regent overigens behoorlijk en echt warm is het ook niet. Nou echt aardig is de medewerker niet maar goed, spullen wegleggen, de schade tot nu toe: één koffer, die van Robin is echt gesneuveld, de hele harde achterplaat is in stukjes waardoor de koffer zijn vorm helemaal kwijt is en niet lekker meer rolt, en het muggen racket is gekraakt in de tas…. Dan maar met de krant.

We gaan even eten net achter het hotel in een Mexicaans restaurant waar we erg vriendelijke worden geholpen al zijn we nu wel doodop… verhaaltje maken en dan toch maar slapen om een uur of negen… in Nederland is het nu kwart over zes, in de ochtend.

Anchorage - Whittier

We lagen al om negen uur in bed gisteravond en uiteraard worden we een aantal keer wakker, eerst om half twee en daarna om vier uur wanneer we toch even echt goed wakker zijn maar we weten toch weer in slaap te komen en ineens is het net voor achten. Geen slechte score! Zo zouden we toch snel in het ritme moeten komen.

Het ontbijt bij de Cizzy’s (oid) is niet echt aan te raden, het eten is op zich aardig maar de bediening is wat erg raar en bij het contant afrekenen staan we vijf minuten te wachten. Daarna gaan we terug naar het hotel, klaarmaken, laatste dingen checken op internet, koffer inleveren en uitchecken. We kunnen de camper helaas pas om drie uur ophalen maar dat geeft ons wel tijd om nog wat te doen en we gaan lekker Anchorage in. Robin heeft een mooie route gevonden langs de kust en na het aanschaffen van Bear Spray lopen we die kant op. Het is een prachtige wandeling een stuk van de Tony Knowle Coastal Trail en na bijna twee uur zijn we weer in de stad waar we heerlijk lunchen. Om twee uur zijn we terug in het hotel waar we een taxi voor ons laten bellen en zo staan we rond half drie bij Cruise America. Nou we hadden ons niet hoeven haasten want na meerdere keren het duurt nog een uurtje, hij is zo klaar, nee nog even geduld wordt onze camper om zes uur pas schoongemaakt en kunnen we ‘m om half acht eindelijk mee nemen… wel met uitgebreide verontschuldigingen en de toezegging dat we een halve dag retour krijgen. Nou is het gezicht van de (jonge) manager genoeg om mij te overtuigen dat ze er echt alles aan hebben gedaan, spierwit met dikke wallen, maar vijf uur wachten is ronduit belachelijk. Gelukkig is het een relatief nieuwe camper. Prachtige praktische inrichting en nog vrij nieuw, 35000 mile. De supermarkt Fred Meyer is gelukkig open tot twaalf uur en om half negen zijn we dan eindelijk op pad, wat nog snel is aangezien de supermarkt echt mega groot is en je je helemaal suf zoekt naar alles.

De navigatie doet het meteen prima en al snel zijn we op de Seward Highway. Het is hier echt waanzinnig mooi. Met de Tournagain arm aan ons rechterhand en de gletsjes op de bergen om ons heen rijden we richting Whittier. Helaas nog geen beluga’s weten te spotten, morgen nog even kijken. Om half tien zijn we op de camping Portage RV Park waar plek genoeg is en we een mooi plaatsje uitkiezen met stroom en gratis Wifi, goed geregeld hier!  We gaan gauw uitpakken en inrichting en na een kort rondje over de camping eten we een broodje wordt waarna we het  bed gaan proberen op te maken. Een enerverende eerste dag.

Afstand: 100 km

Whittier - Valdez

Om half acht ben ik wakker. Nu hebben we vandaag geen haast en zijn we er ook niet echt vroeg in gegaan maar tja… wakker is wakker. Na nog even te hebben gelezen is Robin ook wakker geworden en gaan we richting de douche. In de camper is het net aan qua temperatuur, misschien tot de kachel op een hele lage stand aan zetten, even over denken.

We gaan lekker even ontbijten op het gemak en als ik afwas maakt Robin nog wat foto’s waarna we even de site in orde maken. Net na tienen zijn we op pad naar Beluga Point. Onderweg komen we langs een liquor store die we gister al hebben gespot om even bier te kopen, de mevrouw die ons helpt vertelt dat ze hier al 61 jaar werkt! Haar kinderen willen de zaak echter niet overnemen dus doet zij het nog. Daar aangekomen steken we het spoor over en klimmen we op de rotsen met de camera en de verrekijker in de aanslag maar helaas, drie kwartier later nog geen beluga gezien. Sowieso is het erg moeilijk te zien met de golven die hier zijn door de zee tegenover de rivier. We besluiten toch maar weer verder te gaan en rijden richting Anchorage. Gelukkig zijn we erg snel door de vrij drukke stad richting Palmer waar een splitsing is. Er wordt regelmatig gewaarschuwd voor Elanden en juist net voor een splitsing kijk ik iets naar achter en zie ik een eland lopen! Heel bijzonder maar geen foto’s en daarnaast heeft Robin hem ook niet gezien. Na de splitsing kunnen we de al snel de Glenn Highway gaan volgen tot aan Glennallen. Het wordt mooier en mooier en we stoppen regelmatig om even foto’s te maken. Richting Glennallen is er een gletsjes die super laag ligt, het is net niet echt! Een klein stuk verder is het ineens een totaal ander landschap, het lijkt wel een soort van plateau met relatief weinig bomen, meren en op de achtergrond hiervan gletsjers, het is onwaarschijnlijk mooi en ik blijf foto’s maken. Ook heel veel uit de auto, de kwaliteit laat daarmee te wensen over maar het moet gewoon op de foto. Bij Glennallen gekomen gaan we richting Valdez. Deze weg is super rustig en net als je denkt dat het niet mooier kan… dan wordt het nog mooier. Eindeloze rivieren met scherpe rotsen en dan vlak bij Valdez oneindig veel en enorm grote gletsjers. Het enige nadeel van dit verhaal is dat we ondertussen behoorlijk moe beginnen te worden maar nu te dicht bij Valdez zijn om niet door te zetten naar de Bear Creek camping… Eigenlijk is het veel te laat maar Robin geeft aan dat het gaat dus we rijden door tot Valdez. Net voor we bij de camping zijn zie ik een vogel vliegen en ja hoor, het is een zeearend!

Op de camping aangekomen is er gelukkig genoeg plek. Robin begint dapper zonder bijl aan een vuurtje en ik maak sla met filetlappen. Na een iets optimistisch begin doet het vuur het toch als we gaan eten en het plan is ook om buiten te eten. Nadat ik drie sla blaadjes heb weggegooid met half dode vliegjes erop zitten we al snel binnen. Vlug het eten erin en dan weer lekker bij het vuur zitten verhaaltje typen. Ondanks de vliegjes is het een bijzondere avond met ons eerste vuurtje en uitzicht.

Afstand: 145 km

Valdez

Om kwart voor zeven zijn we wakker en besluiten te gaan douchen, die is gelukkig heerlijk. Na het legen van de vuilwater tank en het bijvullen van het water is het tijd om richting Valdez te gaan om de boottrip te bespreken. We besluiten later naar de zalmen te gaan kijken die blijkbaar pal achter de camping in het beekje (Bear Creek) zwemmen.

Aangekomen bij de maatschappij waar ik mee wil horen we dat vandaag alleen de “korte tour” gaat van zeven uur, die vertrekt rond half 12, alleen ik wil liever de lange doen van negen uur waar meer kans is om het wildlife te spotten… Die gaat alleen morgen dus besluiten we op licht aandringen van mijn kant om die te doen. De dame legt ons op het kaartje meteen even uit waar de supermarkt is waar we even heen moeten voor brood en nog wat andere dingen zoals een afwasborstel en spul voor in het toilet. Bepakt en bezakt gaan we weer weg maar nog zonder bijl… Ze heeft ons ook uitgelegd waar we wat spullen kunnen vinden voor de camper en daar vinden we uiteindelijk een klein simpel bijltje wat voor ons genoeg is om een vuurtje te starten. Nog even tanken, de camping voor nog twee nachten reserveren en dan zijn we klaar voor weer een mooie dag. We kijken nog even bij de zalmen en dat is toch wel bijzonder hoor, in een piepklein ondiep snelstromend beekje zwemmen tientallen zalmen naar hun geboorte gronden om daar voor nageslacht te zorgen. Vanochtend kwam de man van de campingeigenaresse hier een grote zwarte beer tegen… gelukkig kwam die alleen maar voor de zalm! Na de nodige foto’s weet ik me los te rukken en gaan we op pad om de Worthington gletsjer te bekijken, hier liep en weg naar toe en daarna willen we ergens nog hiken, ik zie onderweg nog een zeearend maar weer geen foto. We missen helaas net de afslag van de gletsjer maar na even snel gekeerd te zijn zijn we daar. Het is half één dus een mooie tijd om te lunchen met het nieuwe brood en voorlopig genoeg kaas ;) met uitzicht op deze prachtige gletsjer. Het is een klein stukje lopen waarna je naast het einde van de gletsjer staat, je kan het letterlijk aanraken! Het is waanzinnig mooi, blauwig wit met stroompjes water die er overal af lopen. En als je dan omkijkt dan kijk je op de rivier die hier naar beneden stort met de bergen met nog meer gletsjers er tegenover! Het is waanzinnig mooi. Wel oppassen, net naast ons valt een rotsblok van zeker 40x40cm naar beneden… er loopt ook geen echt pad naar de gletsjer, het is betreden op eigen risico en je ziet maar hoe je er komt. Zeker de moeite waard!

We besluiten na een tijdje en veel foto’s verder te gaan langs de snelweg en als we bordjes zien van een trail deze te gaan lopen. Een uur verder en nog geen trail besluiten we om te keren, het wordt weer veel te laat en we willen nog even chillen vanavond. Volgens de kaart is er in Valdez ook nog een trail dus daar rijden we maar heen. Ik rij een het stuk terug en ik heb behoorlijk respect voor Robin… het is onmogelijk om dat ding recht op de weg te houden, je blijft corrigeren! Net of het stuur niet vast zit aan de wielen. Aangekomen in Valdez rij ik meteen verkeerd en Robin neemt het maar weer over waarna we het pad vinden langs de rivier. Niet echt een mooi pad dus we zijn snel uitgekeken. Terug naar de camping en lekker een biertje en chipje erbij in de zon! Het is heerlijk warm in een t-shirt en nadat ik me heb ingesmeerd met de deet ook prima te doen met de beestjes. Straks even koken en vuurtje stoken en bijtijds naar bed. Morgen om negen uur moeten we bij de boot zijn, die vertrekt rond tien uur.

Valdez

Vandaag staan we op tijd op om om negen uur bij de boot te kunnen zijn. Ik ben al om kwart over zes wakker dus met wat lezen en internetten is het zo half acht en een uurtje hebben we toch wel nodig om op pad te komen. We staan om iets na negenen met de rest in de rij... Best een hoop mensen lijken het zo, hopen dat het mee valt op de boot. Om ons heen lopen een heleboel half tamme konijnen, het eerste wild van vandaag zullen we maar zeggen.

Om half tien mogen we de boot op en willen boven binnen zitten, helaas is dit al vol dus dan maar buiten, gelukkig hebben we veel kleren bij ons al is het behoorlijk fris en vallen er een paar spetters. Om precies tien uur gaan we op pad. Als we net op weg zijn en de kapitein het één en ander verteld over de geschiedenis van Valdez komen we langs een groep zeeotters. Wat zijn ze schattig! Hier had ik op gehoopt en het zijn er tientallen. Ze liggen op hun rug te slapen maar als ze wakker worden gaan ze rondjes om hun as draaien om lucht in hun vacht te krijgen als isolatie ze hebben namelijk geen blubber. Als ze slapen verliezen ze wat van deze lucht waardoor ze dan wat dieper in het water liggen, ze liggen met de voorpootjes over hun neus. Als ze een dag niet eten verbruiken ze een kwart van hun gewicht! Het is wel knap fris buiten dus ik doe mijn regenbroek ook maar aan, nu heb ik drie lagen aan waarvan één thermo en dan is het in de wind nog koud... Iets verderop zitten er twee zeearenden in de boom, hoogstwaarschijnlijk een stel, deze vogels vormen paren voor het leven. Helaas net iets te ver om echte mooie foto's te maken. Valdez bestond eigenlijk helemaal niet toen tijdens de goudkoorts mensen hierheen werden gelokt met het verhaal dat er een dorp was. Ze moesten zelf voor een jaar voorraden meebrengen en daarover belasting betalen. De route naar het goud over de Vadez gletsjer was eigenlijk nauwelijks haalbaar. We varen een heel stuk verder langs een aantal vissersboten waar mensen aan het vissen zijn. Helaas zien we niet dat iemand een zalm aan de haak slaat, wel ligt er verderop een flinke boot op zijn kant. Deze is gekapseisd met voor circa 100.000 dollar zalm aan boord en nog brandstof die er nog uit gepompt moet worden. We komen langs een enorm grote ijsschots die van de Columbia glacier af komt. Dit is een grotere gletsjer waar deze stukken af komen, het is echt bizar groot en het is raar dat deze zo ver van de gletsjer in zee kan drijven zonder te smelten. We krijgen een prima lunch van kip met saus, rijst en groente en een breadroll, heerlijk. We raken hier aan de praat met een dame uit San Francisco die voor vier maanden door Alaska aan het trekken is nadat ze er vijf jaar geleden geweest is. Ze heeft dezelfde camera en is ook op zoek naar veel wildlife. Ze geeft ons nog de tip om op Dayville road bij de viskwekerij naar beren te zoeken. Verderop komen we bij een tender, dit is een boot die de zalm van de vissersboten ophaalt waardoor ze niet elke keer op en neer naar de haven hoeven om te lossen. Juist als wij er zijn gaan ze pompen en dat gaat ook werkelijk met een pomp. Ze zuigen de (levende) zalmen uit het net, deze gaan in een bak waar ze gewogen worden en dan via een klep zo het gekoelde zeewater in. Als je het ziet... Het toont niet echt diervriendelijk maar goed... Zalmen komen sowieso onprettig aan hun einde. We varen verder naar de gletsjer en zien nog een stel zeearenden. Als we in het smalle stuk van de gletsjer komen drijven overal kleinere ijsschotsen en ineens zie ik op een vrij groot stuk een stuks of zes zeehonden die daar lekker liggen te chillen. Verderop zien we er nog meer en dan zijn we ineens bij veel ijs en kunnen we de Meares gletsjer zien. WAUW! Wat een prachtig gezicht! Het ijs is blauw van kleur en de gletsjer is immens groot. Honderden zeehonden liggen overal op stukken ijs, ze zijn echt schattig met hun grote zwarte ogen. We liggen hier ongeveer een half uur wachten op 'calving' van de gletsjer oftwel tot er grote stukken afbreken. Helaas... Tientallen foto's verder vertrekken we zonder dit gezien te hebben maar wat is het prachtig! Op de terugweg varen we meer door de open zee en we zien de dall porpoises, bruinvissen met witte flanken. Prachtig. Na een tijd varen wordt er ineens omgeroepen dat er een bultrug te zien is, helaas staat meteen iedereen voor op de boot en hebben we geen zicht meer. Gelukkig komt hij later nog een aantal keer boven en kunnen we foto's maken. Als hij wederom weg zwemt van de boot laat de kapitein hem met rust. Om de walvis heen zwemmen veel van de dall porpoises, prachtig om te zien, ze eten mee met de walvis. Verder op zien we nog meer van de bruinvissen en de kapitein nodigt ze als het ware uit om op de boeggolf mee te zwemmen en dat doen ze dan ook! Het is een prachtig gezicht en wat zijn ze snel! Bijna onmogelijk om ze op de foto te krijgen. Ik zoek naar orka's maar dat gaat vandaag denk ik niet lukken. Wel komen we langs een kolonie mannelijke zeeleeuwen die hier relaxen en oefenen om later hun eigen harem te kunnen verdedigen. Er wordt wat af geruzied en een herrie dat ze maken... Voor de kolonie zwemmen papagaaiduikers, supergrappige vogels die ons vandaag goed dichtbij laten komen. We varen verder onder het genot van een kom soep. Minestrone in ons geval anders is soep met clamps, nou wij haken af. Net na de soep geeft de kapitein aan nog wat dall porpoise te willen laten aanhaken bij de boot dus storm ik naar buiten met de camera. Nou het staat er wel op maar 70mm lens is wat te gortig als ze echt onder je neus zwemmen, spectaculair is het! Na een enerverende trip en nog drie zeeleeuwen op een boei zijn we om zeven uur in de haven. We rijden direct naar de zalmen kwekerij en hier is aan de ene kant de zee en aan de andere kant beekjes en rivieren met duizenden zalmen. I zee zien we nog meer zeehonden en zeeotters en veel zalmen. Bij één van de kreekjes naast een watervalletje staan erg veel mensen en ja hoor, een zwarte beer is daar een zalm aan het eten. Gauw wat foto's. We proberen het nog even bij een andere beek maar daar zitten vooral heel veel meeuwen en nog veel meer zalmen. Na nog één keer op en neer rijden geven we het op. Het is vijf minuten naar de camping maar op dat kleine stukje steekt nog net een grote zwarte beer over vlak voor de camping... Kwart voor negen is een mooie tijd om te eten zullen we maar zeggen. Gelukkig hebben we stroom en macaroni van gister. Nog even een biertje bij het vuur en verhaaltje typen. Wat een ontzettend bijzondere dag was dit...

Valdez - Tok

We hadden het plan om vroeg te vertrekken maar aangezien het gister na twaalven was dat we in bed lagen hebben we maar besloten de wekker wat later te zetten en kalm aan te doen. We rijden uiteindelijk kwart voor tien de camping af richting Tok na alle tanks gevuld en geleegd te hebben. Eerst rijden we weer de pas met de prachtige gletsjer.

Ik had me eerder al afgevraagd of het nu inderdaad een beverburcht was en nu weet ik het zeker dat het er één was. Toch vrij hoog in de bergen, je verwacht het niet echt maar het was er zeker één. We rijden verder en net voor Glennallen gaan we het Wrangell Mount Saint Eliass national park in. Hier kijken we even in het visitors centre en genieten van het uitzicht op de twee vulkanen. Echt wandelen is hier niet en dat redden we ook niet echt qua tijd. Hierna komt een heel lang stuk met vooral bos. Het is soms een klein beetje saai (of wij worden gewoon al heel erg verwend). Later verandert het landschap met de rivierbedding op ons niveau met rondom enorme bergen. Het is prachtig! In de verte is ook weer sneeuw en ijs te zien. En dit gaat maar door, bergen met rivier, adembenemend mooi is het!
We komen ondertussen in de richting van Tok en dat is maar goed ook want met de tank gaat het ook vrij hard al moeten we Tok makkelijk halen. 25 kilometer voor Tok zien we een state camping, we rijden hier een rondje en besluiten hier in principe te overnachten nadat we getankt hebben in Tok. Wel 50 kilometer extra rijden, niet ideaal maar goed, zonder benzine doet het aggregaat het ook niet en dat is handig voor nood. Eenmaal richting Tok beginnen we de rook goed te ruiken, er zijn hier en richting Fairbanks flinke bosbranden wat je kan merken. In Tok kunnen we gelukkig meteen tanken, tussen de wespen, wat zijn het er veel… Robin heeft een hekel aan wespen maar besluit zich tot niet van de wijs te laten brengen. Ik koop binnen meteen even een stekker om de telefoons in de auto op te kunnen laden op 12v en ik wissel even geld voor de camping. Tegenover het bezine station is het visitors centre en we besluiten even te vragen of er misschien op de weg verder ook nog een state camping is, vijf mile verder schijnt die te zijn. We besluiten hier ook te gaan kijken omdat dit toch weer de nodige kilometers rijden scheelt en we vandaag bijtijds willen relaxen en slapen.

Het lijkt een super camping te zijn. Wel vlak naast de weg maar aan de Tok River, in het bos en geen voorzieningen buiten toiletten. Zo zien we het graag. Helaas hebben ze hier wel veel muggen en wespen dus na een heel klein ommetje langs het water waar we worden belaagd door de muggen gaan we lekker even in de camper zitten, ik heb ondertussen genoeg muggenbulten. We doen onze truien en schoenen maar uit (Robin had zijn trui al uit tijdens het wandelen, ik niet vanwege de muggen en  aangezien ik maar beperkt deet op had gedaan) want het is echt heel warm, ook in de camper, even wat ramen open.  We gaan op het gemakje een potje kaarten, Noodles eten en daarna het buiten proberen met de koffie. De helikopters vliegen af en aan, we vermoeden vanwege de bosbranden en op de camping is al twee keer de brandweer langs komen rijden. De ergste muggen en wespen lijken te zijn vertrokken dus we steken nog even een vuurtje aan. Daarna vroeg naar bed, morgen op weg naar Dawson City, goud zoeken!

Afstand: 400 km

Tok - Dawson City

Het is erg vroeg als de wekker gaat, na gister een fantastische avond bij het vuur met een aantal biertjes werd het weer later dan gepland en als ik om kwart over vijf wakker wordt van Robin en daarna niet meer kan slapen van onder andere de drie nieuwe muggenbulten en twee oude is half acht gewoon erg vroeg.

We komen er kwart voor acht dan toch echt uit en om half negen zijn we dan op pad, op naar de Top of the World Highway. Na 16km zijn we op de afslag en gaan we richting Chicken wat ook bekend staat om zijn goud. Hier komen we rond tien uur aan nadat de weg een gravel road is geworden (!) en het is erg leuk, je kan hier gold panning doen en excursies. We besluiten hier alleen even koffie te doen en wat bier te halen om daarna naar Dawson City te rijden, daar gaan we dan uitgebreid kijken. Als we rustig de koffie zitten te drinken knopen we nog even een praatje aan met twee Australiers waarmee we wat tips uitwisselen. Zij wonen net onder Sidney en kunnen vanaf de keukentafel met de verrekijker de jonge walvissen zien spelen, das toch anders dan ons uitzicht thuis…

We rijden verder en de weg is echt slecht! De snelheid varieert van 75 km/u tot stukken waar 20km/u al erg hard aanvoelt, alles rammelt schudt en kraakt maar het is werkelijk prachtig. Een stuk na Chicken zien we de eerste goudmijners, zowel enkele personen met hun kleine installatie tot de graafmachines met grotere zeven. Het lijkt wel niet echt. Daarnaast zien we meerdere keren Amerikanen met dode kariboes, één is er één aan het villen en verderop zien we er één in een bak achter de laadbak. Robin stopt en als ik uitstap en vraag of ik een foto mag nemen is dat geen probleem. Toch raar zo langs de kant van de weg ineens een dood beest in de achterbak maar dat is hier blijkbaar gewoon.

Op dit stuk weg zien we nog meer mensen zoeken naar goud terwijl Robin regelmatig andere mensen langs laat die sneller zijn wat erg wordt gewaardeerd. Na een hele tijd en prachtige landschappen zien we ineens een hele kudde kariboes oversteken, het zijn er misschien wel dertig met jongen. Geweldig! En het staat nog op de foto ook. Verderop steekt er vlak voor ons één over, die blijft op het asfalt maar net op de been en keert snel weer om, dankzij Robin z’n snelle maar kalme reactie staan we ruim op tijd stil. Onderweg naar de grens krijgen we nog een heel stuk wegwerkzaamheden waar een pilot car voorrijdt, deze bepaalt de route en het tempo langs de graafmachines.

We komen bij de grens van Canada waar we al een hele tijd nauwelijks mensen zijn tegengekomen. Hier is er één camper voor ons en daarna zijn wij aan de beurt. Een paar vragen, de opmerking of hij mag raden naar ons rondje en we mogen met een stempel al weer doorrijden. Net na de grens zien we achter ons nog een stuk of zeven Kariboes boven op de berg. We besluiten op een ander stuk met mooi uitzicht te lunchen en dan begint het te spetteren. Helaas. We hebben nog wat stukken asfalt en even lijkt het of dat zo blijft maar helaas… al snel is het weer gravel road en worden we weer redelijk door elkaar geschud. Het begint nu ook aardig door te regenen en sommige stukken zijn zelfs een beetje glad door de modder.  Tien kilometer voor Dawson City is het dan zover, asfalt! Nu toch wel lekker want zeker zo in de regen is het dodelijk vermoeiend rijden voor Robin. Met de gratis ferry steken we de Yukon River over om in Dawson City aan te komen maar wat een gekkenhuis is het hier zeg… puur toeristisch en druk!!! Bij het Visitors Centre komen we nog Nederlanders tegen die hier met de motor rondrijden. Ze kunnen misschien nog ergens een kamer krijgen want alles is vol dus echt een babbeltje zit er niet in. Wij horen dat ook de camping in Dawson City vol is dus gaan we naar die net buiten de stad, nou wat een ellende is dat… een piepklein plaatsje tussen de rest gepropt, maar goed, we hebben een plekje en electra dus nu even eten in de stad. Ook dat blijkt niet mee te vallen en we komen uiteindelijk bij de Chinees uit waar we prima eten. Waarschijnlijk komt het door het weekend maar het hele stadje zit vol met jongeren en grijze dakduiven, bizar. We besluiten nog even een rondje te lopen en ik wil nog even kijken voor een excursie waar we uiteindelijk morgenochtend zelf heen blijken te kunnen rijden vlak naast de camping. We lopen nog even langs het water om naar de peddle boat te kijken, ook leuk. Nu terug naar de camper, straks even douchen en vroeg naar bed (ja deze keer echt) en dan morgen bij het goud winnen kijken en in de stad nog wat foto’s maken. Het is niet helemaal wat wij het leukste vinden deze drukte maar toch is het heel bijzonder om hier te zijn gezien de geschiedenis die erachter zit.

Afstand: 200 km

Dawson City - Pelly Crossing

De wekker gaat om half acht. We blijven nog even liggen maar komen er dan toch maar uit om richting dredge 4 te gaan nadat we in Dawson City nog even wat foto’s hebben gemaakt en inkopen hebben gedaan. Om kwart over negen hebben we getankt (nou ja een beetje dan)en een vos gespot en we slaan de weg in langs al de goudmijners.

Na 13 kilometer zijn we bij dredge 4 waar een indrukwekkende installatie staat. Hier krijgen we om tien uur in eerste instantie een privé toer. Erg boeiend over de geschiedenis van deze installatie gebouwd door twee ondernemers die de overheid hadden weten over te halen om meerdere claims aan hun te geven terwijl iedereen er normaal gesproken slechts één kan hebben. Ze bouwden hierop in meerdere jaren hun installatie, langzaam door de permafrost graven om bij het goud te kunnen komen. Met deze enorme installatie bediend door vier man konden ze 22 ton per uur grind en modder opgraven waar het goud uit gefilterd werd. Dit goud is 19x zwaarder dan het water wat ze toevoerden over 100km door de bergen. De elektra (1913 praten we over) kwam van een water elektra centrale 60 kilometer verderop… erg modern dus. Binnen een jaar hadden ze de investering van één miljoen dollar er al uit. Ze waren in bedrijf van half maart tot eind november, waarbij er dus werd gewerkt bij temperaturen tot -30 graden celcius.

Na dit boeiende verhaal besluiten we op pad te gaan richting Pelly Crossing wat nog een aardig stuk rijden is. De weg is prachtig maar soms wat saai. Helaas weinig wild te zien hier onderweg. Ik rij nog een stuk en na de lunch aan de river neemt Robin het weer over. We besluiten als we in Pelly Crossing zijn nog een stukje door te rijden met een volle tank en vinden een stuk verderop een natuurcamping aan de rivier. We komen hier naast een gezellige Canadees te staan vlak bij de rivier waar we al snel aanspraak mee hebben. Er zou nu zalm moeten zwemmen maar die hebben we nog niet gezien. Na een paar biertjes, een langsvliegende zeearend en een iemand die langsloopt en vraagt of we de bevers al hebben gezien (?) besluiten we samen te eten en net voor het eten zien we een bever zwemmen! Ik ben helaas te laat met de camera en na even wachten ga ik toch maar eten koken. Uiteraard komt de bever nog een keer langs als ik er niet ben  en is hij niet meer te zien als ik buiten ben. Robin heeft wel een goede foto.

We eten gezellig met z’n drieen met het kampvuur aan puree, worstjes en apelmoes, lekker makkelijk en na het eten en de afwas gaan we gezellig bij het vuur zitten. Dave hakt nog wat hout of probeert het, het blok wil niet meewerken, en er vliegt nog een keer een zeearend langs. Als het goed begint te schemeren komt de bever nog een keer langs en we krijgen uitgebreid de kans om deze nog even te bekijken. Niet veel later zien we ook nog één van de jonkies! Superschattig!!! Zelfs Dave is bijzonder enthousiast. Het is al weer knap laat aan het worden maar veel te gezellig om al te gaan slapen. 

 

Afstand: 250 km

Pelly Crossing - Whitehorse

De dag begint met regen… behoorlijke regen zelfs waardoor voor ons de keuze al is gemaakt dat we niet de gravel road nemen. Dit schijnt een mooie weg te zijn maar is zeker 250km om en dan ook nog in de regen nee, dat wordt hem niet. Daarom draaien we ons nog even om maar uiteindelijk klimmen we er toch uit en na een ontbijtje en even opruimen zijn we op pad.

We rijden weer langs hele stukken verbrand bos wat we eerder ook hebben gezien en geroken vanaf Tok. Daar hing een behoorlijke rooklucht, bij Fairbanks schijnt het ook nog behoorlijk te branden. Dave vertelde gister nog dat je twee dagen geleden in Dawson City geen hand voor ogen kon zien… We weten nu ook dat dit een lang weekend is met een feestdag vandaag dus vandaar alle drukte. Onderweg komen we langs een uitzichtpunt waar nog veel van de bosbrand van 1998 te zien is. Hele stukken zijn nog steeds behoorlijk kaal en zwart geblakerd. We kunnen hier naar een uitzichtpunt lopen waar je op een meer kan kijken maar het is zo fris dat we gauw wat foto’s maken en weer doorrijden. De weg wordt steeds mooier en voor we het weten zijn we in Whitehorse. Hier kopen we bij de Canadian Tyre een bijl. Dit klinkt als een bandenzaak maar dan vergis je je net als wij… Het is een enorm waren huis waar je alles kan kopen voor je auto, banden, tuinmeubels, gereedschappen, visgerei, jachtgeweren, sportspullen, camping spullen enzovoorts. Hierna is het op zoek naar het Visitors Centre maar dat valt niet mee. We rijden de stad door en komen uit bij SS Klondike, een boot uit de tijd van de goudkoorts. Het informatiecentrum daar wordt bemand door een zeer vriendelijke Canadees die ons meteen uitlegt waar het Visitors Centre dan wel is, hoe we daar komen, wil voor ons bellen of het open is, waar we geld op kunnen nemen en waar de campings hier zijn, ze zijn allemaal nog net zo aardig als 4 jaar geleden!
We rijden naar het Visitors Centre en pakken daar wat folders om daarna naar de camping te gaan. We proberen nog even het raft centrum te vinden maar dat adres is van een gewoon woonhuis? We zijn het zat, de camping is gelukkig erg mooi, we kunnen even wassen en hebben een mooi plekje. Daarnaast is er internet en is het sanitair buitengewoon goed. Helemaal top. We twijfelen nog even of we nog wat willen doen maar ik zie het niet meer zitten. De was is snel klaar terwijl wij even lunchen met een uitsmijtertje en daarna gaan we boekje lezen en eindigen met een lekker middagdutje. Daar waren we aan toe! Na het avondeten steekt Robin het vuur aan en als echte prof brand het in twee minuten. Een Canadese dame spreekt ons aan of we marshmallows hebben om te roosteren en of we dat kennen dus die komt zo nog even gezellig roosteren met ons. Heerlijk. Morgen gaan we naar Haines Junction vanuit waar we Kluane National Park kunnen zoeken.

Afstand: 280 km

Kluane National Park

Ik weet niet wat het is deze vakantie maar opstaan wil niet zo. We rijden uiteindelijk om negen uur richting Kluane National Park nadat we nog even met de achterbuurvrouw hebben gepraat (ze is werkelijk niet te stoppen) en alles hebben bijgevuld en geleegd, we kunnen er weer zeker 3 dagen tegenaan.

We besluiten later boodschappen te doen bij Haines Junction en als we net Whitehorse uit rijden ziet Robin in de verte wat lopen, er rent een kleine beer de weg over in de verte!We rijden rustig verder en in de verte zien we al de eerste toppen met sneeuw van Kluane. Ineens zien we wat in de berm en als we er langsrijden zie ik dat het een stekelvarken is! We zijn helaas al te ver door om een foto te maken. Robin kijkt in zijn spiegels, we kijken elkaar aan en rijden de 500m achteruit over de Alaska Highway totdat we weer bij het beestje zijn, wat een plaatje! Helaas de 28-105 lens erop maar ook daarmee is het gelukt. Om half twaalf zijn we bij Haines Junction waar we meteen tanken en vragen waar we boodschappen kunnen doen. Er is helaas alleen een klein winkeltje bij het RV park, daar kunnen we zo wel even heen, eerst naar het Visitor Centre waar we even vragen naar de mogelijkheden en wandelingen in het park. Zoals ondertussen gewend worden we enorm vriendelijk geholpen, de mevrouw vertelt ons alles over de weg in de richting van Haines, waar we kunnen wandelen, waar we kans hebben op beren en dat de camping die we willen gaan nemen erg leuk is. We kijken nog even de film over Kluane en gaan daarna op pad. Het is 27 km naar Kathleen Lake waar we kunnen wandelen. Een makkelijke wandeling van circa vier uur wel hier en daar wat pittig omhoog aldus de dame. Na onze lunch en het inpakken van water, wat te eten, bear spray en wat andere dingen gaan we op pad. We vetrekken om één uur dus we moeten tijd zat hebben. Het eerste stuk is prachtig maar door het bos en we twijfelen nog even of we wel het goede pad hebben genomen maar na een kilometer komen we het bord tegen naar King’s Throne. Het volgende stuk gaat iets stijler en smaller door het bos, prachtig! Maar wel veel geluid blijven maken, ze hebben hier Grizzly beren. Na dik een uur komen we in de richting van de boomgrens en dat is te merken, het gaat veel stijler en er is al wat meer wind maar het uitzicht is adembenemend. We kijken over het meer en zien in de verte piepklein ons campertje liggen. We gaan steeds stijler omhoog en door het losse grind en de stenen is het enorm moeilijk en uitputtend klimmen. Hier en daar is er bijna niet omhoog te komen en wij als getrainde Nederlanders hebben daar gewoon wat moeite mee… Na een aantal keer uitpuffen, zweten en zitten geven we het op, we trekken het niet om helemaal naar boven te lopen, dat is nog een heel stuk over zeer moeilijk (in onze beleving) terrein waarbij het ook ontzettend hard waait. Naar beneden is op de stijle gedeeltes ook nog een hele opgave en ik sta uiteindelijk op de berg mijn brace om te doen, gelukkig is het rustig zullen we maar zeggen, het is niet charmant maar helpt enorm  en na bijna drie uur en rond de acht kilometer zijn we blij weer bij de camper te zijn.

De weg gaat verder richting Rock Glacier waar we nog een stukje wandelen om van het uitzicht te kunnen genieten. Gelukkig is dit veel makkelijker lopen want we voelen het wel een beetje. Het is een bizarre berg met golven van losse stenen die door een gletsjer vooruit zijn geduwd. Hij is tegenwoordig niet meer in beweging wat is te zien aan de begroeiing onderaan. Na Rock Glacier gaan we naar  Klukshu Village, een dorp van de oorspronkelijke bewoners die hier zalm vangen met vallen en ze op traditionele wijze drogen, helaas is er niemand en is er geen zalm te zien in de beek en ook geen beren. De camping die we willen zit een stukje verderop dus we gaan eerst even eten bij een uitzichtpunt waar we rondom fantastisch mooie bergen en gletsjers kunnen zien. De ijskap op de Elias Mountains is de grootste buiten de polen en op de randen van het park kan je hier stukjes van zien. De weg is dan ook fantastisch. Ik dacht dat het nog ver was naar de camping maar na twee kilometer zien we een bord… oeps, iets dichterbij dan gedacht maar goed. We kijken even op de million Dollar Falls campground en die ziet er inderdaad fantastisch uit! We zitten hier duidelijk in de luwte van de bergen want op de highway is het af en toe flink zwabberen met de camper door de heftige wind. Er is plek zat dus we besluiten nog op zoek te gaan naar wild. Na vijf minuten rijden zien we twee coyotes oversteken, ik kan er nog net een foto van maken. Een dik uur verder en geen beestje meer gezien stoppen we ermee, de uitzichten zijn wel fantastisch mooi. Op de camping gaat het vuur supersnel aan en met onze nieuwe bijl kunnen we ons hier helemaal uitleven, het valt nog lang niet meer om een flinke boom door te krijgen en het is mega irritant als het Robin wel lukt als ik het heb opgegeven. Geweldig is het, we hebben een plekje aan de rivier, voorlopig is het nog droog en ontzetten rustig, absolute topdag!!!!!


Afstand: 150 km

Kluane Lake

Ik weet niet wat het is deze vakantie maar opstaan wil niet zo. We rijden uiteindelijk om negen uur richting Kluane National Park nadat we nog even met de achterbuurvrouw hebben gepraat (ze is werkelijk niet te stoppen) en alles hebben bijgevuld en geleegd, we kunnen er weer zeker 3 dagen tegenaan.

We besluiten later boodschappen te doen bij Haines Junction en als we net Whitehorse uit rijden ziet Robin in de verte wat lopen, er rent een kleine beer de weg over in de verte!We rijden rustig verder en in de verte zien we al de eerste toppen met sneeuw van Kluane. Ineens zien we wat in de berm en als we er langsrijden zie ik dat het een stekelvarken is! We zijn helaas al te ver door om een foto te maken. Robin kijkt in zijn spiegels, we kijken elkaar aan en rijden de 500m achteruit over de Alaska Highway totdat we weer bij het beestje zijn, wat een plaatje! Helaas de 28-105 lens erop maar ook daarmee is het gelukt. Om half twaalf zijn we bij Haines Junction waar we meteen tanken en vragen waar we boodschappen kunnen doen. Er is helaas alleen een klein winkeltje bij het RV park, daar kunnen we zo wel even heen, eerst naar het Visitor Centre waar we even vragen naar de mogelijkheden en wandelingen in het park. Zoals ondertussen gewend worden we enorm vriendelijk geholpen, de mevrouw vertelt ons alles over de weg in de richting van Haines, waar we kunnen wandelen, waar we kans hebben op beren en dat de camping die we willen gaan nemen erg leuk is. We kijken nog even de film over Kluane en gaan daarna op pad. Het is 27 km naar Kathleen Lake waar we kunnen wandelen. Een makkelijke wandeling van circa vier uur wel hier en daar wat pittig omhoog aldus de dame. Na onze lunch en het inpakken van water, wat te eten, bear spray en wat andere dingen gaan we op pad. We vetrekken om één uur dus we moeten tijd zat hebben. Het eerste stuk is prachtig maar door het bos en we twijfelen nog even of we wel het goede pad hebben genomen maar na een kilometer komen we het bord tegen naar King’s Throne. Het volgende stuk gaat iets stijler en smaller door het bos, prachtig! Maar wel veel geluid blijven maken, ze hebben hier Grizzly beren. Na dik een uur komen we in de richting van de boomgrens en dat is te merken, het gaat veel stijler en er is al wat meer wind maar het uitzicht is adembenemend. We kijken over het meer en zien in de verte piepklein ons campertje liggen. We gaan steeds stijler omhoog en door het losse grind en de stenen is het enorm moeilijk en uitputtend klimmen. Hier en daar is er bijna niet omhoog te komen en wij als getrainde Nederlanders hebben daar gewoon wat moeite mee… Na een aantal keer uitpuffen, zweten en zitten geven we het op, we trekken het niet om helemaal naar boven te lopen, dat is nog een heel stuk over zeer moeilijk (in onze beleving) terrein waarbij het ook ontzettend hard waait. Naar beneden is op de stijle gedeeltes ook nog een hele opgave en ik sta uiteindelijk op de berg mijn brace om te doen, gelukkig is het rustig zullen we maar zeggen, het is niet charmant maar helpt enorm  en na bijna drie uur en rond de acht kilometer zijn we blij weer bij de camper te zijn.

De weg gaat verder richting Rock Glacier waar we nog een stukje wandelen om van het uitzicht te kunnen genieten. Gelukkig is dit veel makkelijker lopen want we voelen het wel een beetje. Het is een bizarre berg met golven van losse stenen die door een gletsjer vooruit zijn geduwd. Hij is tegenwoordig niet meer in beweging wat is te zien aan de begroeiing onderaan. Na Rock Glacier gaan we naar  Klukshu Village, een dorp van de oorspronkelijke bewoners die hier zalm vangen met vallen en ze op traditionele wijze drogen, helaas is er niemand en is er geen zalm te zien in de beek en ook geen beren. De camping die we willen zit een stukje verderop dus we gaan eerst even eten bij een uitzichtpunt waar we rondom fantastisch mooie bergen en gletsjers kunnen zien. De ijskap op de Elias Mountains is de grootste buiten de polen en op de randen van het park kan je hier stukjes van zien. De weg is dan ook fantastisch. Ik dacht dat het nog ver was naar de camping maar na twee kilometer zien we een bord… oeps, iets dichterbij dan gedacht maar goed. We kijken even op de million Dollar Falls campground en die ziet er inderdaad fantastisch uit! We zitten hier duidelijk in de luwte van de bergen want op de highway is het af en toe flink zwabberen met de camper door de heftige wind. Er is plek zat dus we besluiten nog op zoek te gaan naar wild. Na vijf minuten rijden zien we twee coyotes oversteken, ik kan er nog net een foto van maken. Een dik uur verder en geen beestje meer gezien stoppen we ermee, de uitzichten zijn wel fantastisch mooi. Op de camping gaat het vuur supersnel aan en met onze nieuwe bijl kunnen we ons hier helemaal uitleven, het valt nog lang niet meer om een flinke boom door te krijgen en het is mega irritant als het Robin wel lukt als ik het heb opgegeven. Geweldig is het, we hebben een plekje aan de rivier, voorlopig is het nog droog en ontzetten rustig, absolute topdag!!!!!


Afstand: 150 km

Delta Junction

Vannacht is het steenkoud in de camper, zelfs met thermokleding, sokken en pyjama aan heb ik het nog koud en Robin slaapt vanaf half vier weinig meer door de kou. In plaats van dat je dan de verwarming even aanzet, ik zei het toch…

Uiteindelijk blijven we tot bijna half negen in bed liggen om er dan toch maar uit te kruipen. Het is tijd om weer verder te gaan en we rijden richting Tok via de Alaska Highway. We zoeken tijden lang naar een eland want die willen we zo graag zien maar het lukt maar niet. Robin denkt er nog even twee te zien waar een vrachtwagen stilstaat maar als we gekeerd zijn is er niets meer te zien. We rijden dus maar verder. Een heel stuk verder weet ik het ineens zeker! Daar stond er één en wederom op de snelweg in z’n achteruit zien we de prachtige eland in het water staan. Helaas zitten er bosjes voor en is zelfs de 70-200mm lens niet helemaal toereikend waardoor de foto matig is.

Na een enorm stuk slecht wegdek en daarna een mega stuk wegwerkzaamheden met hobbels, grind en weer een pilot car zijn we vlakbij de grens van de V.S. De rij valt gelukkig mee en iedereen gaat er vrij vlot doorheen, en wij gelukkig ook. In twee minuten mogen we doorrijden, pfoe. Een kilometer of 30 verderop komen we bij Tetlin Wildlife Refuge. We doen hier een wandeling van circa 1,6km enkele reis en komen bij het hidden lake. Het is doodstil hier in het bos, zelf het verkeer van de highway hoor je nauwelijks (het is ook weer heerlijk rustig overal op de wegen) en we lopen door het bos en moerasachtig gebied gedeeltelijk over planken vanwege het water. Uiteindelijk komen we bij een relatief klein meer uit waar bevers wonen. Een Duitser die wij onderweg tegenkomen vertelt ons dat er bootjes liggen die je kan gebruiken en we besluiten het ook te doen. Samen leggen we een roeibootje in het water en roeien een minuut of twintig over het meertje. Geen bevers maar de stilte en de rust en deze prachtige omgeving… wauw.

We slepen de boot weer op de kant en lopen terug. Het is knap warm want de zon is goed doorgekomen en je kan dan ineens merken dat het augustus is. Helaas zitten hier ook redelijk wat muggen dus je moet wel een beetje om je heen blijven slaan.
Het is alweer één uur ondanks ons extra uurtje bij de grens met Alaska dus we eten lekker een hapje in de camper, eindelijk weer eens lekker brood dat is fijn.
We rijden verder en besluiten in Tok boodschappen te gaan doen. De supermarkt is gelukkig behoorlijk groot en we vinden praktisch alles wat we nodig hebben om er weer vier tot vijf dagen tegen te kunnen . De dame bij de kassa is op z’n zachtst gezegd niet erg aardig maar okee, we hebben ook nog een slaapzak gekocht voor over onze dekens, dan hoeft ook de kachel niet aan, die maakt zo’n herrie… dan word je ’s nachts ook om de haverklap wakker.

Helemaal klaar om weer verder te kunnen in de richting van Delta Junction. Er zit halvewege een klein dorpje waar vast een RV park is. Nou fout gedacht… Er is geen camping dus moeten we verder. Nu zit er wel in ieder geval één net na Delta Junction maar dat wordt weer veel later dan we wilden. Helaas. De camping waar we uitkomen, Rika’s Refuge blijkt een historische site te zijn en de camping een state camping wat dus ook inhoud dat hier geen douches zijn en we moeten nu echt douchen. Terug dus maar naar Delta Junction. Nu stonden er borden dat we op moesten passen voor de bizons en elanden en jawel hoor, net voor de camping staan er drie elanden naast de weg. De foto’s mislukken jammerlijk door foute instelling maar goed. We hebben ze wel gezien. Op de camping aangekomen lijkt er eerst niemand te zijn maar gelukkig komt er toch een meneer aangelopen en kunnen we een plekje krijgen (het park is zo goed als leeg, dit is bijna overal zo behalve laatst in het lange weekend voor de Canadezen) en vertelt de man nog even dat er regelmatig elanden op de camping staan… pal naast de tenten nog wel. De camera ligt klaar maar het is al behoorlijk donker dus ik betwijfel of we ze zien. En dan is er ook nog kans op noorderlicht dus na elven even uit het raam spieken, we zetten de wekker! De man vertelt honderd uit over de Trans-Alaska Pipeline als ik vertel dat we vanuit Fairbanks een toer willen doen naar de poolcirkel onder andere ook omdat je dan veel van deze pijpleiding ziet en er hopelijk het nodige wordt uitgelegd. Deze loopt vanuit helemaal het noorden tot aan Valdez. Hij heeft gewerkt voor deze lijn en heeft dus de hele omgeving gezien op alle locaties en is overal heen gevlogen en gereden. Het leek hem erg de moeite waard. Na een snelle hap, sla en broodje vaag vlees uit de heb ik heel uitgebreid gedoucht onder de heerlijk hete douche. Wat een verwennerij. Nu nog een biertje en even kijken of we de elanden zien, daarna onder de dubbele dekens.

Afstand: 530 km

Delta Junction - Fairbanks

En warm dat het vannacht was! Die extra slaapzak hebben we niet nodig gehad en Robin heeft nog wat truien en sokken uitgetrokken vannacht vanwege de warmte. Helaas geen elanden en vanwege de bewolking ook geen noorderlicht.

Als we wakker worden regent het behoorlijk door dus het legen van de tanks en het vullen van het water doen we in ons regenjack. Daarna gaan we op weg naar Fairbanks wat een kilometer of 150 is nadat we even hebben getankt in Delta Junction, de bezine is hier veel goedkoper dan in Canada, we betalen 4,179 per gallon dus ongeveer €0,85 per liter, dat kan ook bijna niet anders met die enorme auto’s hier, anders gaat iedereen failliet alhoewel ze in Canada in dezelfde auto’s rijden en het daar ongeveer €1,38 per liter kost.
Onderweg naar Fairbanks blijft het maar hozen, gelukkig is het hier relatief rustig op de weg en op een gegeven moment komen we bij North Pole waar Robin opmerkt dat dit het huis van Santa is. Daar moeten we heen! Na even te hebben gezocht en door wat kleine straatjes te hebben gereden (we verbazen ons nog steeds om de troep die het bijna overal is, oude auto’s, enorm veel spullen op de veranda enz.) vinden we dan toch echt het huis van Santa. Er is een enorme winkel met kerstspulletjes waar je dagen zou kunnen snuffelen en je mag met Santa op de foto, dat moet natuurlijk wel even. Na een pyjama broek met elanden gekocht te hebben en nog even bij de rendieren gekeken te hebben gaan we weer verder. Richting Fairbanks wordt het drukker met ook veel leger voertuigen, hier zit een enorme luchtmacht basis en nog een andere militaire basis. Je mag uiteraard niet stoppen en geen foto’s maken als je er langs rijdt maar het is een indrukwekkend terrein waar je de vliegtuigen en straaljagers kan zien.

De drukte neemt toe maar gelukkig hebben we de navigatie ingesteld op het adres van het Visitors Centre waar we even willen informeren of we de Dalton Highway kunnen rijden en of daar dan campings zijn. Een dame van het centrum raad het ons zeer af, je moet minimaal twee reserve wielen bij je hebben en de tools om die te wisselen, nou dat hebben we beiden niet, we hebben helemaal geen krik en sleutel dus kunnen niks, dat heeft onder andere als reden dat je er geen bereik hebt met je telefoon en hulp dus lang op zich kan laten wachten. Dan moeten we maar georganiseerd. Ze bellen hier niet voor je, dat moet je zelf doen maar er staan wel telefoons waarmee je mag bellen dus de eerste de beste die ik bel daar kan ik bij boeken dus dat doe ik maar, om nou te zeggen dat ze erg behulpzaam is aan de telefoon mwah maar ze is in ieder geval wel duidelijk en volledig. Maar: we gaan naar de poolcirkel!!! Ze vraagt op welke camping we staan maar dat weten we nog helemaal niet maar als we op de River’s Edge RV park gaan staan dan kunnen ze ons waarschijnlijk wel ophalen maar dan moeten we later nog even bellen. Na wat gepruts in de stad met de route komen we dan uit bij dat RV park en daar worden we allervriendelijkst geholpen. We boeken voor twee nachten (morgen zijn we laat terug) en ze belt even voor ons om de transfer morgenochtend te regelen, kwart voor zes worden we opgehaald, best vroeg. Daarnaast geeft ze ons een plekje aan de rivier zonder extra te rekenen en babbelen we even, ze is in veel landen geweest omdat ze ingrediënten kocht voor Coca-Cola waaronder Aspartaam in Vlissingen. Het is nog vroeg maar we blijven toch lekker op de camping hangen. Boekje lezen, tukje doen en daarna lekker uit eten op de camping, steak en een enorm toetje voor mij wat er natuurlijk weer niet helemaal in gaat. Nu vroeg naar bed. 
a

Afstand: 150 km

Fairbanks

Vroeg is het wel… tien voor vijf gaat de wekker en om vijf uur komen we er ook echt uit. Ik heb vannacht nog even gekeken voor het noorderlicht maar ik keek rechtstreeks in de lamp van de buren dus daar was weinig te zien.

Na een vlot ontbijt en het bij elkaar zoeken van de laatste spulletjes lopen we naar het begin van de camping waar we worden opgehaald door een busje met daarin al twee mensen die gaan vliegen vandaag en onze gids van de dag, Genevieve. Het lijkt meteen al een leuke vlotte meid die aangeeft dat we met z’n vieren zijn vandaag wat super is! We komen op het kantoor waar we een korte briefing krijgen en om half zeven we op pad met uiteindelijk zes gasten wat in een klein busje prima gaat. Genevieve vertelt ons het programma van de dag. We rijden eerst naar Joy, een kleine gemeenschap waar de laatste toiletten voorlopig zijn (wel outhouses oftewel buiten het huis, niet verwarmd en geen stromend water), daarna gaan we naar de Yukon River waar we ook onze lunch kunnen ophalen, door naar de toendra waar we de poolcirkel zullen bezoeken en uiteraard ook over kunnen lopen en dan we terug met ongeveer dezelfde stops. Wildlife is niet echt te verwachten, het is zo’n enorm gebied en er wordt veel gejaagd op elanden, kariboes en beren dus deze blijven liever uit de buurt. Genevieve vertelt ons ook even de regels van de weg, als er een grote truck aan komt dan ga je langzaam rijden en goed aan de kant zodat zij er makkelijk langs kunnen en je je raam niet breekt al zaten daar al enorm veel scheuren in. Daarnaast houden ze de truckers graag te vriend want die willen hun er weleens uittrekken als ze vast zitten in de sneeuw, ze doen toers het hele jaar door, ook helemaal totaan Deadhorse, je kan niet helemaal totaan de oceaan, dat is afgesloten door de oliemaatschappij. De hele Dalton Highway is alleen maar aangelegd omdat ze een toevoer weg moesten hebben naar de olievelden en om de pijpleiding aan te kunnen leggen, het is dus voornamelijk industrieel verkeer op deze weg wat soms uitkijken geblazen is. De maatschappij die in 1970 is opgericht voor de bouw van de pijpleiding is Alyeska, zij dragen nu de zorg voor de veiligheid en kwaliteit van de leiding. Dit was de beste manier om de olie in Valdez te krijgen, de meest noordelijke haven die in de winter niet dicht vriest. De hele Dalton Highway is 414 mile lang waar wij tot aan de acrtic circle op 115 mile zijn geweest. Tot 1981 werd de weg de Haul Road genoemd, daarna werdt het de Dalton Highway. Pas in 1994 is de weg publiekelijk toegankelijk geworden. We komen bij het Hilltop restaurant bekend van Ice Road Truckers dus daar besluit ze even een pauze in te lassen zodat we even een foto kunnen maken en even rond kunnen kijken.

Net nadat Genevieve heeft gezegd dat we waarschijnlijk geen elanden gaan zien, zien we drie elanden langs de kant van de weg! Eén ervan loopt angstig de weg op en dan kan je zien hoe hoog en slungelig deze jongeling op zijn benen staat, Genevieve neemt gauw gas terug om hem niet te bang te maken en ook om geen ongelukken te veroorzaken. We rijden verder naar de Arctic Circle Trading Post in Joy waar we uitkomen bij de souvenir winkel en waar we ook wat spullen moeten afgooien. Deze mensen zijn hier het jaar rond waarbij de man jaagt en ook als tourguide mee gaat voor vlees en ook voor de Trophy hunt op beren dus puur het schieten voor de kop, vacht en klauwen. Mensen denken hier toch heel anders, dit is behoorlijk normaal. Zelfs onze gids Genevieve die een vegetariër was voordat ze naar Alaska kwam heeft na het zien van de prijzen van alles hier besloten om dan wel vis en wild te eten. Ze vangt zelf de vis en jaagt ook. Sowieso heeft ze in het bos een wapen bij zich (ook al heel anders dan bij ons zullen we maar zeggen). In Joy  eten we een brownie, kijken even rond en gebruiken de wc en dan gaan we weer verder . We komen op een punt waar we naar de Trans-Alaska Pipeline kunnen lopen en wat foto’s kunnen nemen. Officieel mag je hier niet komen maar deze toer organisatie heeft toestemming. De pijplijn ligt los op binten waardoor hij in de breedte en lengte kan schuiven, hiervoor is een ook een soort van zig-zag patroon aangelegd in de leiding, dit om de aardbevingen die regelmatig voorkomen in Alaska op te kunnen vangen en het uitzetten en krimpen met temperatuursverschillen op te kunnen vangen. Daarnaast zit er in de steunende structuur een koude middel met een kookpunt van net onder 0⁰C. Dit zorgt er voor dat als de permafrost die hier overal te vinden is dreigt te ontdooien, door de structuur die erop is gebouwd en behoorlijke invloed heeft, dit gas verdampt en warmte onttrekt aan de grond. Bovenop de buis zit een ronddraaiend deel zit met koelribben om deze warmte af te voeren en zo te zorgen dat de pijpleiding zo stabiel mogelijk blijft liggen.
De permafrost is hetgeen dat eigenlijk alles hier bepaald. Op sommige stukken is er geen permafrost wat je kan zien door de bomen die er groeien. Op de permafrost groeit alleen de black spruce, zo kan je van een afstand zien waar wel en geen permafrost is, de black spruce heeft wortels die oppervlakkig groeien en als je flink duwt zou je de boom zo om kunnen duwen. De permafrost is wel erg fragiel, als je er over loopt of graaft of er iets op bouwt verdwijnt het op die plek en veranderd het hele landschap. Dit gebied is enorm droog wat je niet zou verwachten maar de regen die er valt kan nergens heen vandaar dat het wel moerassig lijkt. Af en toe passeren we een kreekje en we rijden voorlopig door het bos, Boreal Forest waarna het verandert naar vooral de black spruce en hoger op de heuvel al geen bomen meer. Hoe noordelijker je komt hoe lager de boomgrens.

We komen bij de Yukon River waar we even kijken door langzaam te rijden (stilstaan mag hier absoluut niet, het is de meest kwetsbare plek van de pijpleiding), waarna we hier stoppen en onze lunch ophalen en maar meteen opeten ondanks dat het net na elven is. We rijden verder en Genevieve vertelt van alles over Fairbanks, het wildlife, hoe zij leeft in een cabin zonder stomend water en met een outhouse en over de Trans-Alaska Pipeline. We komen uiteindelijk bij de toendra wat werkelijk ontzetten mooi is, en zo uitgestrekt dat je het niet kan bevatten. Sommige dingen lijken erg dichtbij maar voor je het weet ben je kilometers aan het lopen.
En dan is het zover, we komen bij de poolcirkel. Het is leuk, we zijn er geweest maar zo heel spannend is het niet, de omgeving daarentegen is waanzinnig. Op de terugweg stoppen we nog even op een plekje bij de pipeline waar we blue berries plukken en eten en Genevieve graaft naar de permafrost die nog verrassend diep zit in Augustus. We kunnen het aanraken en het voelt echt keihard aan, of je op een ijsblokje tikt. Even onze handen kort afspoelen en we gaan verder naar de finger mountain waar we een prachtig uitzicht hebben en een panorama foto maken (nou ja we hebben de foto’s gemaakt en moeten ze nog aan elkaar plakken maar dat volgt later thuis) en nog even rondkijken. We vervolgen onze weg naar de Yukon River waar ons bestelde avondeten al bijna klaar is als we aankomen en we laten het ons goed smaken. Terug naar Joy en met nog één korte stop onderweg zijn we daar ook vlot om nog even gauw naar de toiletten te gaan. Omdat ik denk een beer gezien te hebben rijden we nog even heen en weer maar helaas, of ik heb het niet goed gezien of hij is allang weer vertrokken. We rijden terug naar Fairbanks waar we een waanzinnig uitzicht hebben door het heldere week en zelfs de bergen van Denali kunnen zien! We hebben Mount McKinley gezien! Die hebben we alvast weer binnen want meestal is deze in wolken gehuld en kan je hem niet zien.  Na een lange maar heel erg bijzondere dag worden we weer op de camping gebracht waar we vanavond gaan proberen het noorderlicht te zien en hopelijk op de foto te zetten, dat zal niet meevallen na deze lange dag maar zo helder als nu is het zelden.

Fairbanks - Denali

Helaas we hebben het niet volgehouden tot het noorderlicht. Om één uur geven we het op (later op de dag horen we van iemand dat het helemaal “crazy” is geweest). We gaan naar bed en zetten voor de zekerheid de wekker op tien uur, we denken wel eerder wakker te worden maar toch.

Uiteindelijk is Robin om half tien wakker en ik om tien voor tien… Het was wel weer koud vannacht, de kachel heeft Robin nog aangezet. Na een vlug ontbijtje en een zeer noodzakelijk opruim momentje kunnen we het water vullen en het vuilwater dumpen en net na elven zijn we dan zover om op pad te gaan. We rijden de stad uit en zien gauw nog universiteit liggen waar we eigenlijk wel even hadden willen kijken maar we gaan nu lekker naar Denali. Dan hebben we daar veel tijd te besteden. We rijden net Fairbanks uit als we de hele Alaska Mountain Ridge zien liggen en zodra we een parkeer plaats zien stoppen we. We hebben een uitzicht op Mount McKinley! Het is strakblauw dus kunnen we eenvoudig circa 150-200 kilometer ver kijken. Iedereen stopt om te kijken en foto’s te maken, heel erg bijzonder is dit. Ik spreek een Amerikaan aan die hier al honderden keren heeft gereden maar het nog nooit zo helder heeft gezien, het is prachtig, de berg is dik 6000m hoog, de hoogste van Noord-Amerika. In totaal is het zo’n 170 kilometer rijden dus voor hier echt een kippe-eindje en we zijn dan ook rond twee uur bij Denali waar we op een parkeerplaats aan het water even lunchen.

Net voor de lunch denk ik naast de weg een paard te zien staan maar het is een eland… we kunnen alleen niet stoppen. Na de lunch gaan we Denali in om even bij het Visitors Centre te informeren hoe dat hier allemaal gaat en de man vertelt ons dat we in een ander gebouw de camping moeten reserveren en weer ergens anders de toer kunnen regelen om het park in te komen. Dus dat gaan we dan maar doen. Op de camping waar we willen staan, Savage River is alleen vanavond nog een plekje dus die reserveren we meteen, de andere avonden kunnen we vlak bij de ingang van het park op een camping staan. We gaan een toer boeken naar het uiteinde van het park en uiteindelijk wordt het (soort van per ongeluk) de shuttle bus in plaats van de toer maar de dame achter de balie geeft aan dat dit wel veel vrijer is en dat je zelf wat meer kan bepalen waar je wil gaan en staan. Prima dan doen we dat. Nou alles geregeld voor vandaag, morgen willen we gaan hiken en overmorgen gaan we dan met die toer. Voor woensdag gaan we proberen raften te regelen in het toeristische gedeelte vlakbij waar de winkeltjes zitten en je van allerlei activiteiten kan boeken. Uiteindelijk kunnen we woensdag om drie uur want we willen wel zelf peddelen en een beetje spannende tocht. We kijken nog wat rond en daarna gaan we op zoek naar een sledehonden tocht voor mij, nou dat wil niet zo lukken maar onderweg daarheen (het is 20km rijden) komen we wel langs de kant van de weg een eland tegen. En hier kan Robin wel stoppen dus we hebben eindelijk goede foto’s van een eland. We komen bij de lodge waar de sledehondentoer te boeken zou moeten zijn maar daar is niemand, nou dan maar niet, we gaan weer terug een plekje zoeken op de camping.

De rit naar de camping is al de moeite waard, het is een prachtige weg en we zien een hoop mensen stilstaan bij een groep van vier elanden, het zou al bijna normaal worden. Iets verderop staat een shuttle bus stil maar we zien helaas niet wat zij zien en al snel zijn we bij de camping die prachtig is, midden in het bos. Na een kort rondje over de camping is het alweer bijna acht uur, dus gauw vuurtje stoken en eten maken. Het menu voor vanavond: broodje met worst van het vuur en sla. Onze overburen waarschuwen ons dat de berg zo mooi is en dat met zonsondergang dat een mooie foto zou moeten opleveren dus om negen uur staan we bij het pad aan het eind van de camping waar je precies de berg kan zien. Het is echt heel mooi en wij horen bij de 10% van de 30% die de hele berg zien. We babbelen gezellig wat, het zijn ook erge reisliefhebbers, en ook de overburen gaan vannacht rond twee uur opstaan om het noorderlicht te zien. Het is zo helder dat dat zou moeten lukken alleen is het wel koud, gisternacht was het hier -7⁰C… We zullen ons maar warm aankleden en de kachel op een graad of 8 zetten want dat is wel erg fris en dan te bedenken dat onze buren in een tentje slapen, brrrrr.

Afstand: 250 km

Denali

Nou en koud dat het was vannacht, om kwart over één komen we het bed uit en voor half twee staan we buiten voor het noorderlicht. Om twee uur komt de overbuurvrouw naar buiten, die willen het ook heel graag zien.

Nou geduld is een schone zaak en we lopen in het pikkedonker nog een rondje over de camping maar het ziet er niet goed uit. Als we bijna bij de camper terug zijn zien we ineens iets, de bergrand lijkt op te lichten en het is alsof iemand met een laserlamp omhoog schijnt en dan zien we het groene noorderlicht. Het is erg vaag, de maan schijnt ook behoorlijk, en na een minuut of zoiets is het alweer weg. Ik heb de overburen ondertussen weer gewekt en ze komen gauw naar buiten maar dan is het mooiste al geweest. We zien nog heel vaag iets maar daar houdt het echt mee op. Om kwart over drie zien we nog niets en gaan we totaal bevroren weer naar binnen, het is dik onder nul! Weer terug in bed duurt het tijden voor ik weer kan slapen, we hebben de kachel op zes graden gezet met onze twee slaapzakken en kleding maar het is gewoon echt nog te koud.

Om half tien gaat de wekker en dan komen we er redelijk gebroken uit maar wel voldaan, we hebben het noorderlicht gezien en Mount McKinley is vanochtend weer prachtig te zien, het is strakblauw. We gaan eerst de camping regelen voor de komende dagen en daarna even naar het dorpje om nog een toer proberen te boeken, ik wil paardrijden en Robin ATV. Nou de Savage River campground is helaas nog steeds vol dus twee dagen Riley campground boeken we. In het dorp lukt het niet om de toers te boeken, het ATV is alleen beginners en paardrijden is al afgelopen voor dit seizoen (en we hebben niet zo uitgebreid gezocht). Dan maar niet, wel even tanken, dan blijft de generator het doen mochten we die onverwacht nodig hebben. Ik heb een ingeving want we moeten ook nog een camping van woensdag op donderdag, misschien is er dan plek op Savage River campground? Gauw proberen en ja hoor, er is nog één plekje en die is voor ons, een prachtige camping is dat ook al hebben we ook een leuk plekje uitgezocht op Riley. Nou helemaal klaar voor de dag gaan we naar de Mount Vista Trailhead parkeerplaats waar we even eten en de spullen pakken voor een hike van 6,4km, de Savage Alpine hike. Uiteindelijk gaan we rond twee uur wandelen en het eerste stuk is door het bos langs een riviertje, goed praten en lawaai maken maar het is prachtig en al snel te warm dus we lopen in ons t-shirt. Wat een mooie dag… het duurt even maar dan komen we wat mensen tegen, toch soms wel geruststellend. Al snel wordt het bos dunner en beginnen we om hoog te lopen. Eerst is dit niet zo steil maar uiteindelijk gaat ook dit flink omhoog, we stijgen uiteindelijk 500m als we de wandeling volhouden. We nemen regelmatig onze tijd en het wordt steeds mooier, een prachtig uitzicht op Mount McKinley en de hele bergketen. Wat een waanzinnige wandeling. Op een punt bovenop zitten twee Amerikanen waar we nog wat woorden mee wisselen, zij komen uit Palmer, net boven Anchorage en hij heeft een beetje spijt dat hij zijn camera niet heeft meegenomen. Als we verder doorlopen blijkt dit niet het hoogste punt te zijn en lopen we nog een heel stuk omhoog waardoor het uitzicht als dat kan, nog mooier wordt, je kan eindeloos ver weg kijken. Om ons heen lopen rechtmatig grondeekhoorntjes en ik zoek af en toe naar beren of Dall Sheep maar die zien we niet. We moeten nu weer gaan afdalen en het eerste stuk is hoog op de berg en daarna nog over een bergkam tussen rotsen door, wat een waanzinnige wandeling. Ondertussen hebben we nog wat uitgebreider gepraat met Ron en Cindy bij onze vorige stop omdat we wat foto’s hebben met hun erop, die gaan we even emailen. De wandeling naar beneden is pittig, gelukkig zijn we niet via deze kant omhoog gegaan… We zijn om vijf uur beneden, toch drie uur onderweg geweest al hebben we wel heel kalm aan gedaan. Na een half uur wachten kunnen we met de shuttle bus mee terug naar de parkeerplaats en we nemen afscheid van Ron en Cindy die we ook even ons emailadres en website hebben doorgegeven, het zijn wel stereotype Amerikanen, we hebben het nog even over de wapenwetgeving gehad maar daar waren zij in ieder geval duidelijk in, I love guns!

Wat een heerlijke wandeling, nu is het tijd om net naast de camping even te douchen, voor vier dollar mag je douchen en krijg je een handdoek hier, eten te koken en daarna naar bed nadat we voor veel te veel geld water hebben gekocht. Bij het winkeltje hebben we ook internet dus we kunnen binnenkort even de site bijwerken. Als ik mijn email lees kom ik er helaas wel achter dat het niet gaat lukken om te duiken… Ze gaan alleen in het weekend en dat komt in de knel met onze trip naar Katmai, dat is echt een enorme domper maar dat is het risico van niet van tevoren reserveren/informeren/plannen.  We zijn wel een beetje verbrand, en dat is Alaska…

Denali

De bus vertrekt vanaf het wilderness acces center om kwart voor acht, om half acht moeten we daar zijn. We zouden het net kunnen lopen maar daar kan de camper lekker in de zon staan en dan zou de accu nog een beetje bij moeten laden want we hebben hier nergens stroom. We zijn netjes op tijd en sluiten aan in de rij. Uiteindelijk zitten we een beetje voorin de schoolbus met redelijk uitzicht.

Het zijn wel vrij smalle bankjes en de gordels moeten om, onder andere omdat ze nog weleens abrupt willen stoppen bij wildlife. Eerst volgt er een heel stuk over de procedure bij het zien van wildlife, alles blijft in de bus, ook armen e.d., de raampjes gaan naar beneden aan de kant waar het wild zit en er mag niet gepraat worden zodat de dieren niet aan stemmen gewend raken en we ze tijdens het wandelen met onze stem op veilige afstand kunnen houden. Onze gids Kim vertelt best een hoop en na het vegen van de raampjes gaan we op pad, het belooft weer een stralende dag te worden. Het eerste stuk rijden we eigenlijk zonder te stoppen tot een eindje na Savage River. Het eerste wat we zien is buiten alweer de prachtige berg, twee kariboes. Daarna rijden we verder en als het bos ophoudt en de toendra begint zien we een bus stilstaan. Heel hoog op de berg lopen twee beren, een blonde en een donkere, Robin ziet ze helaas niet en ik krijg ze ook niet op de foto. Net daarna zien we drie grizzly beren bij elkaar! Het moet niet gekker worden. Na een tijdje zijn we bij de eerste stop waar we twintig minuten hebben om even rond te kijken en te plassen. We zien hoog in de bergen nog wat Dall sheep. Algauw zit de tijd er alweer op en gaat de bus verder. Je kan er voor kiezen om uit te stappen en een latere bus te nemen maar helemaal naar Kantishna, wat wij willen, daarbij heb je niet zoveel keus, dat haal je anders niet meer. Dus wij blijven zitten en zien nog wat elanden (ja ze worden echt al normaal) waar uitvoerig voor gewaarschuwd wordt. Remedie bij een aanvallende eland: rennen! Het landschap is fantastisch, we blijven foto’s en filmpjes maken maar het is slecht met een foto te vatten hoe prachtig het hier is. En dan constant die enorme Mount McKinley (ook wel Denali genoemd) op de achtergrond. Vandaag zien we hem voor het eerst met wolkjes maar voor mijn gevoel maakt dat het alleen maar mooier. We komen bij de volgende stop waar we weer twintig minuten hebben. Al snel zien we weer een beer, dit keer wat dichter bij de weg. We kijken op ons gemak en dan gaan we weer totdat we net voor de volgende stop alweer een beer zien! Nog dichter bij de weg. We rijden nu verder naar de stop bij het Eielson Visitor Center waar we een fantastisch uitzicht hebben, hier hebben we een half uur om rond te kijken, naar de wc te gaan en het visitors center te bekijken. De tijd vliegt en voor we het weten zitten we met de nodige foto’s alweer in de bus. De volgende stop is Wonder Lake, waar we wat mensen uit gooien die hier willen hiken en straks mee terug gaan. Wij willen graag tot aan het eind dus blijven zitten. Daar aangekomen op mile 92,5 hebben we daar een half uur bij de vliegstrip, je kan ook terug vliegen, en bij het huis van Fannie Quickly kijken die hier begin 19e eeuw naartoe kwam om goud te delven en bekend stond om haar gastvrijheid. Ze stierf daar in haar huis in 1940. We kijken hier even rond en bij de beek die uit een bron komt en daarna willen we nog wat bessen plukken maar het is alweer tijd. We gaan terug naar Wonder Lake waar nu wel tijd is om bessen te plukken. Eerst even bij het meer kijken en daarna de lage struikjes in waar cranberries, blue berries en nog meer soorten berries te vinden zijn. Geen van de bessen hier is giftig maar eigenlijk vinden wij alleen de blue berries lekker. Daar sta je dan in het veld in Denali met de berg op de achtergrond bessen te plukken en nog een kariboe erbij ook die redelijk ver af staat maar zich ook weinig van ons aantrekt.

Dan gaan we alweer terug, iets sneller, iets minder tijd voor wild en iets kortere stops maar het is en blijft waanzinnig mooi hier. We zien nog wat kariboes en een beer maar we gaan vrij vlot door omdat ze niet beter of dichterbij te zien zijn dan eerder. Ineens staat er een andere bus en daar zien we een moederbeer die rent ergens naartoe en er zitten ook nog twee kleine beertjes die ze in eerste instantie alleen laat. Ze probeert waarschijnlijk een eekhoorn te pakken te krijgen. Een eerdere beer was ook al aan het graven. Later sluiten de twee kleine beertje aan. Het gaat allemaal veel te snel voorbij en voor we het weten zijn we het gebied waar we de meeste kans op wolven hebben ook voorbij… geen wolven vandaag. Het is ondertussen half acht en na een kop noodles en even op het gemak internetten is het zo weer bedtijd. Morgen gaan we even wassen en misschien nog een stukje wandelen en daarna raften, woehoe!

Denali

De wekker gaat om acht uur, we willen nog even wassen en dan misschien nog even wandelen maar we moeten ook nog boodschappen doen, of in ieder geval een paar noodzakelijke dingen, brood en water.

Alles in de directe omgeving hier is stervens duur dus we proberen het te beperken, morgen komen we langs Anchorage waar we even echt naar de supermarkt gaan. Als we opstaan regent het, dat begon gisteravond al en vannacht heeft het flink geregend dus de optie van wandelen valt eigenlijk een beetje af. De was draait al snel en na 26 minuten is deze klaar. De wasdroger daarentegen doet er langer over maar dat komt mooi uit want dan kan ik mooi even skypen met paps en mams via de gratis wifi hier die van erg goede kwaliteit is! Als de droger eindelijk klaar is blijkt dat de was nog niet droog is, hmm dan maar boekje lezen en nog een keer want nat spul kunnen we eigenlijk nergens kwijt. Na het wassen rijden we even naar Savage River campground om alvast een plekje uit te zoeken en te claimen voor vanavond, het is een mooi plekje op de hoek geworden met een goede vuurkorf en dicht bij de toiletten. Tijd om even wat boodschapjes proberen te doen in het dorpje vlakbij, nou een brood en snoepjes en we zijn tien dollar verder dus we houden het even voor gezien, nog ergens wat water halen en nog even snuffelen in de souvenir winkeltjes. We besluiten om nog een stukje via de snelweg te rijden en dan ergens op een parkeerplaats te lunchen zodat de accu op kan laden en na een half uurtje zitten we aan de rivier lekker een bammetje te eten. De lucht wordt steeds lichter dus ik roep optimistisch dat het zo vast droog wordt. Nou onderweg terug nog niet zo maar als we eenmaal bij het raft centrum zijn druppelt het alleen nog maar. We melden ons binnen, tekenen de “val maar dood verklaring”, en kleden ons daarna om in de camper in warme kleren, veel lagen want het zal koud zijn op het water en het water zelf is rond het vriespunt.

Iets na drie uur krijgen we een korte uitleg en onze dry-suits met schoentjes waar we ons in hijsen, een zwemvest, een helm en niet onbelangrijk een peddel (je kan ook voor de niet peddel optie kiezen maar daar leek ons geen lol aan). In de bus naar de rivier doet onze gids Sophie uit Niew-Zeeland de veiligheid uitleg in drie minuten, terwijl onze buschauffeur zijn trui uittrekt tijdens het rijden die vast blijft zitten om zijn hoofd, en bij de boot is het helmen op en gaan. Wij mogen af en toe wat peddelen maar volgens mij doet Sophie alles en mogen wij soms voor de show even mee peddelen maar het is wel gezellig. Er zit een poolse jongen bij ons aan boord en de rest is Amerikaan waaronder twee hilarische dames uit Texas waar we erg mee en om gelachen hebben, twee van de Amerikanen zijn ook raft gidsen. De regels met wat Sophie wel en niet mag met ons zijn volgens mij nogal strikt want ze wordt aardig in de gaten gehouden door de gids van de andere boot en wij mogen hun (de niet peddelboot) niet passeren en het is ook geen goed nieuws als iemand van ons overboord gaat. Sophie maakt het wel gezellig door af en toe een babbeltje te maken en de boot soms mooi zijwaarts door de versnellingen te laten gaan zodat we goed nat worden. Ik heb al het vermoeden dat mij dry-suit een wet-suit is maar daar komen we straks achter. Omdat de Amerikaanse dames nogal een grote babbel hebben besluit Sophie ons afleidend pratend op een rots te laten varen waardoor er één in het midden van de boot valt. Hilarisch. Later vraagt iemand of we nog zo’n versnelling krijgen dat we allemaal nat worden en ook dat weet ze voor ons te verzorgen. Uiteindelijk mogen we er op een rustiger stuk in als we willen maar ik sla over, ik heb het al koud en het water is mega koud! Vier anderen springen er wel even in waarbij Luc en achterkomt dat zijn pols seals veel te los zitten en zijn mouwen dus beginnen vol te lopen, heerlijk. Sophie heeft in Nieuw-Zeeland de outdoor school gedaan, een twee jarige opleiding waar je van alles doet, klimmen, bergbeklimmen, raften enzovoorts. Zij vond het raften zo leuk dat ze dat al vier jaar full time doet, in de zomer in Alaska en in de winter in Nieuw-Zeeland waar het dan zomer is. Uiteindelijk komen we bij het punt waar de bus ons weer ophaalt en terug bij het kantoor blijkt mijn kont inderdaad nat, het voelde al wel erg koud. Nou gauw een droge broek aan en een brood je eten bij de Subway. Daarna bij het koffiehuis nog een cappuccino, een hele grote al was het nog de medium, jammie! Echt goede koffie. Het chocolate chip cookie hadden we beter kunnen delen, we komen er allebei niet doorheen…

Tijd om naar de receptie te rijden, hier kunnen we even douchen en fris en fruitig gaan we naar de camping waar we nog even naar de rivier lopen. Op de bergen in de verte ligt nieuwe sneeuw van afgelopen nacht, de winter zet hier snel in! Terug op de camping starten we een vuurtje wat even nodig heeft om echt op temperatuur te komen maar nu is het heerlijk warm. Zo naar bed en morgen richting Homer onder Anchorage.

Denali - Anchorage

We rijden nog voor achten onze plek af en na onderweg een drietal overstekende elanden te hebben gezien en onze tanks te hebben geleegd en gevuld gaan we op weg naar het zuiden. Van Mount McKinley is helemaal niets te zien… nog geen schaduw of topje, hebben wij mazzel gehad!

Het is een grijze en bewolkte dag dus een mooie dag om te reizen. Jammer dat je minder van de omgeving ziet. We rijden tot iets na elven wanneer we een IGA (supermarkt) tegenkomen. Het plan is eigenlijk om in Anchorage boodschappen te doen maar deze ligt en rustiger en direct naast de snelweg en ziet er nog vrij groot uit maar niet idioot, dat is een goed idee en al snel hebben we alle boodschappen voor de komende dagen en bier in de camper liggen dus kunnen we snel weer pad. We willen eerst misschien lunchen onder Anchorage bij Beluga Point maar om half twee geven we het op, dat gaan we niet halen, eerst even tanken en lunchen en dan straks maar op het gemakje kijken. We komen helaas op het terrein van Fred Meyer terecht, niet de leukste plek om te lunchen maar we kunnen als toetje wel een lekkere cappuccino van Starbucks nemen. Langs de weg wordt het richting Anchorage een steeds grotere zooi, ook hier gooit iedereen gewoon zijn troep in de tuin als ze er klaar mee zijn. Je oude auto doe je ook niet weg, die zet je in je tuin voor de show of onderdelen, hoe groter je autokerkhof hoe welvarender je bent. Ach ja, zo kan je het ook bekijken. Het is wel grappig wat hier aan auto’s door elkaar rijdt, de meest bizar grote 4x4’s die idioot hoog op de poten staan tot (hier) bescheiden golfjes maar dan wel de 2.5. Vandaag wel een unicum: we zijn ingehaald door een ouder model Ferrari! In Alaska, in de zeikregen, best zonde.

Relatief vlot komen we uiteindelijk Anchorage door en dan wordt het gelukkig snel iets rustiger en mooier. Er is weinig te zien van de gletsjers hier maar goed. De hele Turnagain arm zit ik weer te zoeken naar beluga’s. Het lijkt hoog water te zijn maar het is moeilijk in te schatten. Bij Beluga Point stoppen we en zit ik een hele tijd met de verrekijker te kijken maar het is zo moeilijk te zien dat we maar verder rijden. Iets verderop denk ik wat te zien zwemmen maar ook dat is vanuit de auto niet met zekerheid te zeggen en er is ook geen parkeerplaats. Verderop stoppen we weer en zit ik weer een tijdje te kijken maar niets… Als we verder rijden zie ik net na een parkeerplaats ineens heel duidelijk een witte rug! Vlak bij de kant!!! We moeten keren en dat kan gelukkig iets verderop. We keren en kunnen parkeren waar ik hem zag en jawel hoor, zodra we zijn uitgestapt zie ik hem/haar. Een witte rug komt duidelijk zichtbaar boven en hij komt vlakbij de kant waar wij staan. Iets later komen er nog drie aan zwemmen en ze zijn duidelijk aan het jagen op zalm. We horen twee keer ook nog wat geluid van ze, superleuk! We staan een hele tijd te kijken en foto’s te maken maar het gaat nu wel erg hard regenen, ik kijk nog even als we weg rijden en zie er drie vlak naast elkaar zwemmen, schitterend.

Tijd om richting de camping te gaan want dat is ook nog een uur rijden, na nog wel even snel een zee-arend in de boom te zien zitten. Rond zes uur zijn we bij Cooper Landing en mensen hebben ons gewezen op de Russian River campground waar je heel makkelijk naar de Russian River (ja je raadt het niet) kan lopen. Hier is momenteel de zalmentrek van de rode zalm aan de gang is en waar je regelmatig grizzly beren kan zien. We hebben een waanzinnig mooi plekje voor $18, krijgen wel duidelijk weer de waarschuwing voor de beren en of je alles in de camper wil houden,  en lopen meteen even naar de rivier. Net daarvoor is er een flinke grizzly gespot maar helaas, wij zien hem niet ook niet nadat we de camera zijn gaan halen. Robin zei nog, moeten we de camera niet meenemen… Maar die lucht zeg, pfoe, duizenden dode of bijna dode zalmen liggen te rotten waar de meeuwen lekker in zitten te vroeten. Vreselijk, ik snap wel dat de beren daar op af komen, dat kan ik al van een flinke afstand ruiken laat staan de beren. Maar niet te zien dus even eten en straks nog eens proberen als het eventueel nog droog wordt. De buren komen nog even de zout lenen en nadat wij de pasta op hebben brengen ze deze terug waarna we nog meelopen met onze vier Duitse buren naar de rivier en wat kletsen, we zijn met zes man nu, wel prettig. Helaas geen beer, er zijn ook nog vrij veel vissers, en als het behoorlijk donker wordt gaan we maar terug naar de camper. Morgenochtend rond zeven uur moeten we meer kans maken dus dat gaan we nog even proberen.

Afstand: 300 km

Anchorage - Homer

De wekker voor de beren staat op zeven uur, nou wij zijn nog helemaal niet van plan er uit te komen en uiteindelijk wordt het rond achten dat we er uit komen. We ontbijten op ons gemakje en ruimen even op.

Daarna lopen we naar de rivier waar al heel wat vissers staan maar na even heen en weer gelopen te hebben is er geen beer te zien dus in de camper en op naar Homer. Het is toch nog 200km rijden, het lijkt al zo dichtbij. Na een hele tijd gereden te hebben en een aantal dorpen gepasseerd te hebben wordt het weer steeds drukker en een nog grotere zooi. We rijden net voor Homer nog even een uitzichtpunt op en maken wat foto’s, de hele baai ligt in de wolken, er lijkt net een zacht bedje op te liggen met in de verte bergen met sneeuw en ijs en wolken. Prachtig is het. Nou nog een klein stukje en dan gaan we een camping zoeken. Homer Spit rijden we op, dit is een door gletsjers gevormd schiereilandje waarop veel campings zijn en veel eettentje. Daarnaast is hier ook de haven van Homer en dan dit alles op elkaar gepropt, grauw en grijs door de mist. Robin ziet het niet zitten om hier te staan en we besluiten op het vaste land bij de camping te gaan informeren. We kunnen daar voor één of twee nachten staan met uitzicht op zee. Het is best een aardig plekje maar dat mag ook wel voor $52… Dit is de duurste camping tot nu toe. Wel full hook-up maar dat gaan we niet gebruiken. Goed, één nacht hebben we dus geboekt, morgenavond zien we wel. Nu is het tijd om even naar Emerald Air te rijden, daar gaan we morgen mee op toer en dan weten waar het is en hebben we ons gezicht al even laten zien. Even langs het Visitors Center en we weten waar we op Homer Spit kunnen douchen en kamperen, ik wil hier toch graag één nacht staan en ondertussen is de mist opgetrokken en kijk je de waanzinnig mooie baai door. Robin heeft al toegegeven aan mijn wens maar geeft nu ook toe dat het er in ieder geval iets minder erg uitziet als de zon er op staat en je wat kan zien, we zijn nog even langs de haven gelopen.
 
De subway gaat morgen om acht uur open dus daar moeten we dan voor de deur staan en dan gaan we hopelijk bijtijds weg, vandaag hadden ze vertraging door de mist. Om voor morgenavond een camping te vinden rijden we nog even langs de city campground maar die spreekt ons beiden niet aan, en langs het andere Visitors Center dat over de eilanden en het zeeleven gaat. Ik informeer nog even voor het duiken maar dat weet de man niet, ik was de eerste die het vroeg en waar we de meeste kans maken op orca’s, nou niet in Homer in ieder geval, Seward is een veel betere optie.

Er loopt een weg verder door na Homer, we weten niet hoe lang die precies is dus rijden we deze gewoon een stukje op maar uiteindelijk zijn we het zat en gaan we lekker terug naar de camping om daar even een boekje te lezen. Al snel is het tijd om te eten met uitzicht op de zee en daarna gaan we nog even buiten kijken en foto’s maken. Voor ons in zee liggen overal zeeotters, wel ver weg maar toch nog steeds superschattig.  We zoeken nog naar walvissen en komen zo aan de praat met een Amerikaans echtpaar uit California, hij is gepensioneerd tandarts en zij is zelfstandig werkend logopediste. We kletsen een hele tijd waarbij zij, die op zoek zijn naar de Beluga’s die je hier kan zien, deze als ze al langs zijn gekomen in ieder geval hebben gemist. We praten vooral over reizen, zij genieten daar ook het meeste van, andere dingen zien, mensen ontmoeten. Ze zijn nu ongeveer zes weken onderweg waarbij ze helemaal omhoog zijn gereden in hun Sprinter campertje en terug gedeeltelijk met de boot gaan. Het is zo gezellig dat het al flink schemert als we afscheid nemen en wij nog snel even gaan douchen zodat we morgen lekker fris op pad kunnen.

Afstand: 350 km

Katmai National Preserve

Het is nog voor zevenen als de wekker gaat. Erg vroeg maar beter dan te laat. Robin komt er nog iets vlotter uit maar al snel ben ik ook in de benen, we gaan vandaag naar Katmai National Preserve. Dit is het stuk ten noorden van Katmai National Park met Emerald Air Service.

We staan net voor acht uur voor de deur van de subway om lunch te halen en om acht uur stappen we naar binnen om even gauw wat te halen. Het is maar een heel klein stukje rijden naar EAS dus we zijn daar om iets van tien over acht waar we meteen naar het kantoor kunnen om wat papierwerk in te vullen en de andere helft nog te betalen. Nog even snel op de weegschaal omdat het vliegtuig volledig vol zit vandaag en daarna is het tijd om naar buiten te gaan waar we een korte briefing krijgen over het gedrag rondom de beren en om hipboots (lieslaarzen) aangemeten te krijgen. Met wat gepruts met zooltjes en dubbele sokken zijn we er uiteindelijk uit en heeft iedereen laarzen. We gaan met twee Aziatische stellen waarvan één stel uit Vancouver komt en een Amerikaan. We zijn dus inclusief onze gids en tevens piloot met acht man.

Het vliegtuigje ziet er niet uit alsof daar acht man in past maar in no time zit iedereen erin gefrot, twee rijden van drie, de piloot en iemand daarnaast, (bagage in de kleine bagage ruimte achterin met uiteraard mijn verrekijker daar) en kunnen we gaan vliegen. Nou dat is al een hele belevenis op zich. We taxiën eerst naar de overkant van het meer en dan naar de zijkant en daarna wordt er om toestemming gevraagd om op te stijgen in een bepaalde richting. Wij kunnen meeluisteren met onze koptelefoons en dan gaan we opstijgen. Het is een enorm kabaal, vandaar de koptelefoons maar op zich gaat opstijgen vanaf het water enorm soepel! Je voelt er eigenlijk weinig van en al snel vliegen we over Homer naar de zee, het is wel redelijk koud aan het raam, het tocht nogal. Het uitzicht is prachtig en natuurlijk is het zoeken naar de bultruggen al hebben ze die al een tijd niet gezien. Na ongeveer drie kwartier komen we in de buurt van Katmai en als eerste komen we langs een nog actieve vulkaan, het is niet aan mijn kant van het vliegtuig dus ik kan er weinig van zien. Het is droog maar wel flink bewolkt en onderweg hebben we wel wat spetters gehad. Als we vlakbij de landingsplek zijn kunnen we de rivier zien die we gaan volgen en vanuit het vliegtuig zijn er al meerdere beren te zien waaronder een moeder met twee kleintjes! Geweldig!!! We landen op een klein meertje wat ook enorm soepel gaat en daar aangekomen trek ik mijn regenbroek aan in verband met de kou en kunnen we even achter wat bosjes plassen, de dames dan, nou het is alsof je in het open veld zit maar goed, ik zie deze mensen nooit meer zullen we maar denken. De mannen staan helemaal gewoon in het veld te zeiken hihi. Iedereen is er klaar voor en in twee minuten zijn we bij de rivier waar we meteen vlak naast ons op de rivier bank een moeder zien met drie jonkies van dit jaar. Zo schattig. We lopen er naartoe tot we er bijna vlak boven staan en moeders kijkt wel af en toe naar ons maar ze is ouder en ervaren en het enige waardoor ze wel van haar plek zal komen is een andere beer. Na een tijd aw en ah en wat schattig lopen we de bank af die vrij stijl is naar de rivier. Nu snappen we waarom we de lieslaarzen aan hebben! We gaan door de rivier! We steken hem schuim over tussen de felrood gekleurde zalmen die je regelmatig ziet spetteren. Voor ons uit zitten nog drie beren en als we verder oversteken zien we er nog meer. Wel volgen de rivier een klein stukje stroomopwaarts om daar even te genieten van twee vrouwtjes beren die elkaar behoorlijk goed tolereren op circa twintig meter van ons af. Er is ook zoveel te eten. Overal om je heen zie je karkassen van zalmen liggen, de koppen met soms de ruggengraat en stinken dat het doet… De moeder met de drie kleintjes staat ondertussen op de rivierbank, er kwam een andere beer langs.

Na een hele tijd hier gekeken te hebben lopen we verder stroom opwaarts ondertussen genietend van de beren om ons heen. Als we een zijtak volgen naar links komen we bij een enorm mannetje uit. Eerst staan we er vrij ver vanaf maar Craig kent deze beer en we lopen er dichter naartoe tot we aan de overkant van het stroompje op ons gemakje staan te kijken. Hij zit wat relaxed te kijken en te krabben terwijl wij tientallen foto’s maken. Ineens komt hij van zijn bank af en springt het water in onze kant uit, even spannend maar hij doet een mooie demonstratie zalm vangen voor onze neus om deze mee te nemen naar zijn plekje en krakend de rug te breken. Daarna stript hij het vel, daar zijn ze dol op en daarna volgt flink krakend de rest van de zalm. Tijd om weer verder te relaxen en wat te krabben. Als wij verder lopen stroom opwaarts steken we weer een rivier een stukje over, een beetje zijwaarts haaks op de stroming dat loopt makkelijker terwijl er zowel voor als achter ons twee beren zijn. Eén daar van is Popeye, deze heeft één beschadigd oor en is enorm groot. Tijd om te lunchen. Een oudere mannelijke beer lijkt te gaan jagen maar besluit dan dat chillen in het water ook lekker is dus die ploft neer en gaat een beetje onder water zitten kijken. Wij gaan hier eten op deze bank in de rivier, dan kunnen de beren en makkelijk omheen en wij kunnen genieten van de lunch. Met een beer op tien tot vijftien meter afstand een broodje van de subway eten voelt toch raar. Wel moet je je kruimels goed binnen boord houden. Ze kennen eten van mensen niet, hebben nooit door afval gestruind en zien daardoor mensen gewoon niet als bron van voedsel daarom kan dit.

Als we uitgeluncht zijn pakken we onze tassen en willen we verder stroomopwaarts lopen. Er komt net nog een mannelijke beer aanlopen dus blijven we even stilstaan. Hij lijkt te gaan jagen maar het lukt niet meteen dus besluit hij verder te lopen. Hierbij passeert hij ons op circa zes meter!!! Hij is gewoon geïnteresseerd dat is alles, met een simpel maar zeer duidelijk “stand still, it’s okay” van Craig kunnen we genieten van dit enorm bijzondere moment. Tijd om verder te lopen en voor het eerst vandaag hebben we een tijdje geen beren om ons heen. Wel zien we verse karkassen maar nog geen beer. Een stuk van de rivierbedding is compleet bedekt met zalmenkoppen, bizar gezicht, en de lucht pfoe. Na een stukje lopen zien we weer een vrouwtje vis eten, ze zijn zo goed gecamoufleerd, onwaarschijnlijk voor die grote beesten. Een klein stukje verder loopt er nog één. Wij steken de rivier weer over, sommige stukken zijn best diep, zeker tot aan je knieën en daarna klimmen we de bank op.

We lopen nu een stuk langs de rivier over de toendra. We zien nog een dame jagen die we een stuk volgen. Als we even stilstaan om te kijken en een paar te dicht naar de rand van de bank gaan schrikt ze en komt ze de bank op, ze houden er niet van als wij hoger staan. Ze loopt met een wijde boog om ons heen om daarna weer naar de rivier te gaan. Wij lopen iets verder van de rivier af verder. Uiteindelijk moeten we een dik stuk bosjes doorkruisen waar Craig aardig loopt te klappen. Het is al even in de middag en de beren doen weleens een middagdutje. Uiteindelijk komen we weer bij de rivier uit die we nog over moeten steken en we zien weer een aantal beren. Craig spot de moeder met drie kleintjes die een bed heeft gegraven in de bank waar ze heerlijk in liggen te slapen. Verderop is een grote beer aan het proberen nog een zalm te vangen maar het lukt niet direct maar bij poging twee of drie wel. We lopen een stuk dichter naar de moeder toe die niet onrustig wordt van ons maar wel van de wat oudere blonde beer die wij eerder vanochtend al hebben gespot en die uiteindelijk ook weer vlak langs ons loopt. Na een minuut of twintig naar moeder te hebben gekeken, Craig geeft ons alle tijd die we nodig hebben overal, die de jongen ook nog even alleen liet om te drinken gaan we naar het vliegtuig terug. Een korte sanitaire stop en een ontzettend schattige grond eekhoorn die uitgebreid bij ons komt kijken, weer net even anders dan in Denali gaan we weer vliegen. Tevens een zeer soepel vertrek en een nog mooier uitzicht over de vulkaan en de bergen omdat het weer beter is.

Bij Homer aangekomen landen we op het meer en leggen we weer aan bij de lodges en het kantoor. We doen de schoenen uit en krijgen allemaal een kaart van Katmai met daarop gemarkeerd hoe we gevlogen zijn en waar we hebben gewandeld. Ze wijzen ook aan waar ze op andere tijden van het jaar komen omdat de beren overwinteren aan de kust en dan in het voorjaar daar ook grazen voordat de zalmen gaan trekken. Binnen is er koffie met een koekje en we laten Sara nog even met onze camera stoeien omdat zij ook op zoek is naar een goede camera. Hierna gaan we naar de camping waar we even uitpuffen van deze dag met een biertje om daarna in het hotel naast de camping, dezelfde van gister Ocean View RV Park, te eten wat een sportbar blijkt te zijn. Ach ja, zien we ook weer eens American Football. De mensen die we gister hebben gesproken wilden graag even weten hoe het is geweest dus die hebben we nog even aangesproken en die komen even een drankje doen en foto’s kijken. Dit was werkelijk waar een “trip of a lifetime”. Emerald Air Service, ik kan ze iedereen aanraden.

Homer - Seward

Het is negen uur als we wakker worden. De Amerikanen Ben en Rebecca zijn gisteren tot na elven blijven zitten omdat het zo gezellig was en na nog een warme douche en een boekje lezen was het al richting enen toen we gingen slapen.

We ontbijten kalm aan, genieten nog even van het prachtige uitzicht en gaan daarna op de algemene dumpplaats van Homer de camper legen en vullen na Ben en Rebecca gedag te hebben gezegd. Dumpen op de camping op ons plekje is erg onhandig. Ik zie nog een zeearend zitten vlakbij de dumpplek en dan zie ik ineens een nest in de boom met daarin een schreeuwende jonge (een puber) zeearend. We kijken nog even en gaan dan op pad na elven. Het is zo’n drie uur rijden naar Seward maar in ons tempo met regelmatig even stoppen is het wat langer. We merken beiden ook dat we erg moe zijn. Uiteindelijk komen we in Seward bij het Visitors Center maar die is gesloten waarschijnlijk omdat het zondag is en daarmee hebben ze ook meteen de openbare toiletten op slot gedraaid?! Dan maar even naar de supermarkt, daar kan ik in ieder geval even naar de wc en we hebben nog wat kleine dingetjes nodig. Daarna gaan we het centrum in, hier zit een Visitors Center maar we kunnen weer nergens makkelijk parkeren of het kost meteen tien dollar, fijn. Niet al te uitgebreid worden we geholpen dus we gaan zelf wel even verder kijken voor een boottour voor morgen. Er zijn twee bedrijven die dit doen en we lopen bij beiden even binnen, morgen hebben ze nog plek genoeg dus we zien het morgenochtend wel. De camping die ons is gewezen is uiteraard weer verschrikkelijk dus we gaan verder zoeken. Een stuk voorbij Seward is er nog één maar die is zo mogelijk nog erger dus we besluiten via de Highway terug te rijden en te zoeken naar een State camping die we 25km terug vinden.

Er is gelukkig nog plek, helaas geen hout maar we gaan er toch vroeg in. Voor veertien dollar, in ons geval vijftien en het was bijna twintig geweest maar een zeer vriendelijke jongedame uit Anchorage wisselt het even voor ons, sta je hier een nacht op de camping aan de rivier met een meer vlakbij, de Primrose campground. Heerlijk, dat is meer wat voor ons. Na het eten, sla een broodje en een worstje, besluit Robin dat we nog even gaan wandelen. Met veel tegenzin hijs ik me overeind maar eenmaal in het bos is het en heerlijk en prachtig. Het is een mega groen totaal ander bos dan dat we tot nu toe hebben gezien. Als we er naartoe lopen komt er een woeste zwarte labrador grommend op ons afgestoven, best even schrikken maar stil blijven staan zou de remedie moeten zijn en dat is nu ook zo. Hij doet verder niets maar vriendelijk is hij niet en dat herhaalt hij drie keer. Z’n baas een jager vindt het niet nodig er wat aan te doen behalve hem bij zich te roepen wat maar half lukt en aan te geven dat hij allemaal een hoop herrie maakt. Tijdens onze wandeling waar Robin zijn passie voor paddo’s verder uitbreid komt hij nog een keer aangestoven, we schrikken ons dood. Robin vraagt nog waar hij op jaagt, voornamelijk op grouse, een soort hoenderachtige vogel. Hij heeft wel ondertussen twee geweren en een handwapen bij zich. Het ene geweer draagt hij voor het geval mocht hij een zwarte beer tegen komen. Hij is ook weleens wezen jagen op zwarte beren maar toen heeft hij niet geschoten en toen hij er een keer wel één dichtbij tegenkwam had hij helaas z’n geweer niet bij zich. Wat een andere cultuur. Na bijna een uurtje heerlijk wandelen in een heel mooi bos komen we weer bij de camper waar we een bakkie koffie doen en zo meteen gaan we lekker naar bed.

Afstand: 270 km

Seward

We lagen gister voor half tien in bed, we waren zo moe, om acht uur gaan we er weer uit dus dat is een lekker nachtje. Het weer werkt niet echt mee… het is erg grauw maar goed we hebben tot nu toe zoveel geluk gehad dat we niet mogen klagen.

We rijden eerst even naar de Ptarmigain campground om te kijken hoe die er uitziet voor vanavond en of er hout ligt en rijden daarna naar Seward. Het begint ondertussen wel iets te regenen en we hebben nog geen idee wat we willen gaan doen. Zee kajakken staat aardig hoog op het lijstje of anders met een boot mee op zoek naar Wildlife maar dan zijn er ook nog twee opties. We weten het eigenlijk niet zo goed. Eerst rijden we langs een organisatie die het kajakken doet maar die heeft alleen maar tours die erg prijzig zijn, rond de $400 of met de helikopter (!) en dan zit je rond de $550 per persoon. Dat gaat toch een beetje te ver. Eigenlijk vinden we de boottochten ook wat duur voor nu. In Seward zelf zijn ook nog opties om te kajakken maar dat is alleen in de directe baai bij Seward. We lopen wat heen en weer en besluiten om geen van beiden te doen. Het weer wordt steeds slechter en kajakken gaat dan sowieso niet door en misschien de fjord tours ook niet. We gaan even shoppen voor wat souvenirs, ik koop nog een leuk setje handschoenen en daarna gaan we naar het Wildlife Center. Je kan hier de verschillende vogels zien, zeeleeuwen, zeehonden, zalmen in verschillende stadia van hun leven en allerlei zeesterren en anemonen aanraken. Boven dat hebben ze twee zeeotter jongen in de opvang zitten! Superschattig zijn ze aan het spelen en op een gegeven moment worden ze toevallig ook nog gevoerd. Best leuk om op het gemakkie even rond te kijken en er is veel informatie over de zee rondom Alaska. Na twee uur rustig snuffelen zijn we uitgekeken en gaan we weer op pad. Even lunchen in de camper en dan nog even winkelen. Het weer wordt almaar slechter, het regent nu redelijk door en het waait ook steeds harder, niet zo’n gek idee om aan land te blijven.

Als we het shoppen zat zijn rijden we nog even naar het tankstation waar we de camper een beetje kunnen wassen zodat we deze donderdag redelijk fatsoenlijk in kunnen leveren, je krijgt overigens wel heel veel kwartjes voor twintig dollar... Er is ook nog wat hout te koop, wie weet kunnen we toch vanavond nog een vuurtje maken of anders morgen. 

Na het poetsen besluiten we naar Exit Glacier te gaan. Deze ligt net buiten Seward en je kan er met de auto vlakbij komen en dan erheen lopen. Daar eenmaal geparkeerd is het behoorlijk druk ondanks het weer. Het is Labor Day dus iedereen is vrij. Dat is redelijk te merken al zijn er ook heel erg veel buitenlandse toeristen. We trekken ons regenpak maar aan en gaan heerlijk lopen. Het regent niet zo heel hard dus het is goed te doen en al snel zijn we op een leuk bospaadje. Je merkt hier verder weinig van de drukte al kom je wel regelmatig iemand tegen. Eenmaal bij de gletsjer is het weer een prachtig gezicht. Overal rotsen en beekjes en dan die gletsjer die hel blauw is. Erg leuk. Het houdt wel op met zachtjes regenen… Al snel lopen we terug richting de auto, Robin besluit in plaats van het bruggetje het beekje te nemen en onze schoenen zijn waterdicht bevonden. We kunnen ook nog even bij de rivier kijken die uit de gletsjer voortkomt. Hier komen complete stukken ijs langs gedreven, heel bizar, het is namelijk niet koud buiten dus dat klopt voor je gevoel niet. Het water daarentegen is wel goed koud. Iets verderop kunnen we nog even de rivierbedding oplopen en rondkijken. Robin pakt hier nog een enorm blok ijs op maar daarna regent het zo hard dat we maar naar de auto terug gaan. Het is half vijf en we gaan richting de camping, dat is zo’n dertig kilometer rijden. Er is plek zat dus dat komt goed uit en al snel zitten we lekker te kaarten met een biertje erbij. We eten noodles, lekker makkelijk en ik denk dat we er weer vroeg ingaan.

Seward - Whittier

We lagen gister voor half tien in bed, we waren zo moe, om acht uur gaan we er weer uit dus dat is een lekker nachtje. Het weer werkt niet echt mee… het is erg grauw maar goed we hebben tot nu toe zoveel geluk gehad dat we niet mogen klagen.

We rijden eerst even naar de Ptarmigain campground om te kijken hoe die er uitziet voor vanavond en of er hout ligt en rijden daarna naar Seward. Het begint ondertussen wel iets te regenen en we hebben nog geen idee wat we willen gaan doen. Zee kajakken staat aardig hoog op het lijstje of anders met een boot mee op zoek naar Wildlife maar dan zijn er ook nog twee opties. We weten het eigenlijk niet zo goed. Eerst rijden we langs een organisatie die het kajakken doet maar die heeft alleen maar tours die erg prijzig zijn, rond de $400 of met de helikopter (!) en dan zit je rond de $550 per persoon. Dat gaat toch een beetje te ver. Eigenlijk vinden we de boottochten ook wat duur voor nu. In Seward zelf zijn ook nog opties om te kajakken maar dat is alleen in de directe baai bij Seward. We lopen wat heen en weer en besluiten om geen van beiden te doen. Het weer wordt steeds slechter en kajakken gaat dan sowieso niet door en misschien de fjord tours ook niet. We gaan even shoppen voor wat souvenirs, ik koop nog een leuk setje handschoenen en daarna gaan we naar het Wildlife Center. Je kan hier de verschillende vogels zien, zeeleeuwen, zeehonden, zalmen in verschillende stadia van hun leven en allerlei zeesterren en anemonen aanraken. Boven dat hebben ze twee zeeotter jongen in de opvang zitten! Superschattig zijn ze aan het spelen en op een gegeven moment worden ze toevallig ook nog gevoerd. Best leuk om op het gemakkie even rond te kijken en er is veel informatie over de zee rondom Alaska. Na twee uur rustig snuffelen zijn we uitgekeken en gaan we weer op pad. Even lunchen in de camper en dan nog even winkelen. Het weer wordt almaar slechter, het regent nu redelijk door en het waait ook steeds harder, niet zo’n gek idee om aan land te blijven.

Als we het shoppen zat zijn rijden we nog even naar het tankstation waar we de camper een beetje kunnen wassen zodat we deze donderdag redelijk fatsoenlijk in kunnen leveren, je krijgt overigens wel heel veel kwartjes voor twintig dollar... Er is ook nog wat hout te koop, wie weet kunnen we toch vanavond nog een vuurtje maken of anders morgen. 

Na het poetsen besluiten we naar Exit Glacier te gaan. Deze ligt net buiten Seward en je kan er met de auto vlakbij komen en dan erheen lopen. Daar eenmaal geparkeerd is het behoorlijk druk ondanks het weer. Het is Labor Day dus iedereen is vrij. Dat is redelijk te merken al zijn er ook heel erg veel buitenlandse toeristen. We trekken ons regenpak maar aan en gaan heerlijk lopen. Het regent niet zo heel hard dus het is goed te doen en al snel zijn we op een leuk bospaadje. Je merkt hier verder weinig van de drukte al kom je wel regelmatig iemand tegen. Eenmaal bij de gletsjer is het weer een prachtig gezicht. Overal rotsen en beekjes en dan die gletsjer die hel blauw is. Erg leuk. Het houdt wel op met zachtjes regenen… Al snel lopen we terug richting de auto, Robin besluit in plaats van het bruggetje het beekje te nemen en onze schoenen zijn waterdicht bevonden. We kunnen ook nog even bij de rivier kijken die uit de gletsjer voortkomt. Hier komen complete stukken ijs langs gedreven, heel bizar, het is namelijk niet koud buiten dus dat klopt voor je gevoel niet. Het water daarentegen is wel goed koud. Iets verderop kunnen we nog even de rivierbedding oplopen en rondkijken. Robin pakt hier nog een enorm blok ijs op maar daarna regent het zo hard dat we maar naar de auto terug gaan. Het is half vijf en we gaan richting de camping, dat is zo’n dertig kilometer rijden. Er is plek zat dus dat komt goed uit en al snel zitten we lekker te kaarten met een biertje erbij. We eten noodles, lekker makkelijk en ik denk dat we er weer vroeg ingaan.

Afstand: 140 km

Anchorage

De wekker gaat iets voor achten omdat we de camping even met de credit card willen betalen en dat kan alleen als de manager er is dus staat Robin daar om acht uur alleen is de manager er nog niet hmm dan eerst maar ontbijten.

Het is op het moment droog, vannacht ging het aardig te keer! Veel regen en wind. We besluiten naar Girdwood te rijden, hier kan je de kabelbaan (tram) de berg op nemen naar het wintersport oort en dat gaan we dus even doen om toch nog wat leuks te maken van deze dag. Zoals overal in Alaska zijn de bordjes wat matig dus alles staat half aangegeven maar uiteindelijk komen we erachter waar we kaartjes kunnen kopen en waar we kunnen parkeren. Twintig dollar per persoon nou vooruit dan maar weer, anders doe je helemaal niets. We eten nog gauw wat in de camper, er is brood zat en anders gooien we alleen maar meer weg. Dan lopen we naar de kabelbaan en zitten precies met z’n tweeën in het bakje hahahaha onze privé rit met wel iemand erin van de kabelbaan dan. Ze vertelt ons wat over wat zij naast dit baantje doet, iedereen in Canada heeft meerdere baantjes en wat er te doen is dat doen ze. Veel is ook seizoenswerk. Boven gekomen hebben we een mooi uitzicht over de Turnagain Arm als de wolken even weg zijn en op het gemakje kijken we wat rond in een klein museumpje en kopen we een warme chocomelk, het is net echt wintersport.

Daarna besluiten we de berg een stukje op te hiken maar zoals elke keer valt het de berg op toch weer tegen en zitten er vreselijk irritante vliegjes maar het uitzicht is erg mooi, jammer dat er veel bewolking is en af en toe een paar spetters. Na een tijdje zijn we het zat en gaan we weer naar beneden. Deze keer met meerdere mensen in het bakje waaronder één dame die een pad omhoog is gerend, dat doet ze regelmatig en dan met de tram naar beneden gaat. Op een gegeven moment zegt een dame ineens: Look! There’s a bear! En we zien een flinke zwarte beer over het wandelpad lopen waar de hardloopster net over naar boven is gekomen. Dat gebeurt veel want de beren vinden de paden ook lekker makkelijk lopen maar zo midden op de dag is het wel apart. Het wordt meteen gemeld zodat wandelaars kunnen worden gewaarschuwd. Eenmaal beneden gaan we nog even winkelen in de outdoor winkel maar kopen (gelukkig) niets. We rijden nog even naar de mijn die hier vlakbij moet zitten maar ondertussen zeikt het weer va n de regen en gaan we lekker terug naar de camping. We chillen een beetje en na het eten (noodles alweer maar das lekker makkelijk nu) gaan we inpakken, er vliegt nog een zeearend langs wat ik toch bijzonder blijf vinden. Het valt niet mee om te pakken in de kleine ruimte en daarnaast heb je heel veel spullen nog nodig, de rest moet morgen maar, we zijn toch al een aardig eind. Tijd om met een koffie bij het algemene en overdekte vuur te gaan zitten waar we heel wat af kletsen met een stel uit Duitsland, een stel uit Chicago, Amerika en aan het eind van de avond nog met een Japans stel dat in November gaat trouwen maar nu alvast op huwelijksreis zijn. Erg gezellig en dat is heerlijk om een vakantie zo af te sluiten. Het is al bijna half twaalf als we nog moeten douchen maar het was te gezellig en het bier moest natuurlijk nog op. De overige spullen, de bijl en maïs en wasmiddel hebben we afgegeven op de camping, de eigenaar gebruikt het zelf of geeft het aan andere campeerders, de slaapzak en spiezen gaan we proberen mee te nemen. Oh ja, de Japanse dame meldt nog even tussen neus en lippen door dat ze twee uur daarvoor een beer op de camping heeft gezien hahahaha.

 

Afstand: 95 km

Anchorage

Om half zeven moeten we op, we moeten nog ontbijten, inpakken, afwassen en de camper schoonmaken en we willen een beetje bijtijds bij Cruise America zijn, je weet gewoon niet hoe het loopt.

Uiteindelijk is alles gepoetst en gesopt en de slaapzak hebben we ook in mijn koffer gekregen dus we kunnen op pad iets voor achten na de tanks geleegd te hebben. Het is redelijk weer, af en toe een spetter. Als we langs de Turnagain Arm rijden is het hoogwater wat mijn kans vergroot om nog beluga’s te zien en bij wegwerkzaamheden redelijk dicht bij waar we ze vorige keer zagen zien we weer een school zwemmen. We kunnen helaas niet stoppen dus het is slecht te zeggen hoeveel maar zeker vier of vijf hebben we gezien, superleuk afscheid zo. Om iets na negenen zijn we bij Cruise America en in no-time is alles geregeld. We krijgen inderdaad een halve dag huur terug en de camper is helemaal okee zo. Nu is het verder wachten op het vliegveld en dan mogen we weer lekker in ons eigen bed slapen!!

Maar wat een wereld vakantie is dit geweest!

Afstand: 95 km

Camperreis op maat

Wil jij zelf zo'n reis maken? Laat dan een camperreis op maat samenstellen zodat deze precies bij je wensen aansluit!

Ja, stuur mij een gratis offerte!

Campervakanties

Wil jij ook zo'n camperreis maken in dit gebied? Bekijk dan hier onze camperreizen.

Bekijk de campervakanties